Redactie: Georges de Courmayeur, Francis Cromphout, Jenny Dejager, Peter Deleu, Thierry Deleu (eindredactie), Marleen De Smet, Joris Dewolf, Fernand Florizoone, Guy van Hoof, Joris Iven, Paul van Leeuwenkamp, Monika Macken, Ruud Poppelaars, Hannie Rouweler, Inge de Schuyter, Jan Van Loy, Dirk Vekemans

Stichtingsdatum: 1 februari 2007


"VERBA VOLANT, SCRIPTA MANENT!"

"Niet-gesubsidieerde auteurs" met soms "grote(ere) kwaliteiten" komen in het literair landschap te weinig aan bod of worden er niet aangezien als volwaardige spelers. Daar zij geen of weinig aandacht krijgen van critici, recensenten en andere scribenten, komen zij ook niet in the picture bij de bibliothecarissen. De Overheid sluit deze auteurs systematisch uit van subsidiëring, aanmoediging en werkbeurzen, omdat zij (nog) niet uitgaven (uitgeven) bij een "grote" uitgeverij, als zodanig erkend.

30 april 2010


PARNASSUS




In het clair-obscur
van de stilte
klimt
de Parnassus
door de nevels

bijen en libellen
bidden de zon om zon

op de groene helling
hoedt Bilitis met de losse haren
haar kudde geiten

naar de nacht toe
verliest de berg zich
in een afgrond sterren.

 
Fernand Florizoone







NIEUW BOEK THIERRY DELEU



De reacties uit de wereld van dichters en schrijvers bleven niet uit en een uitgave in (papieren) boekvorm kon niet uitblijven.

Zopas verscheen bij Demer Uitgeverij (Diepenbeek)
Dichters dromen lucide
Essay

Thierry Deleu


In het boek vind je recensies/kritieken over de poëzie van Bert Bevers, Philippe Cailliau, Job Degenaar, Jenny Dejager, Frans Depeuter, Christine D'haen, Fernand Florizoone, Lies Van Gasse, Bärbel Geijsen, Tine Hertmans, Joris Iven, Frans Kuipers, Jan Lauwereyns, Bert Lema, Gerry van der Linden, Mark Meekers, Edith Oeyen, Francis de Preter, Eric Rosseel, Xavier Roelens, Hannie Rouweler, Ina Stabergh, Peter Theunynck, Joris Maurits Vanhaelewyn en François Vermeulen.
1° Is vanaf heden alvast te bestellen bij Demer Uitgeverij, info@demerpress.be of hannierouweler@telenet.be
Bundel kost: 21 € (incl. verzendkosten, vanuit Engeland, en binnen België)
2 ex. = 37 € (incl. verzendkosten, idem)
Leverdatum door de uitgever: vanaf nu.

2° Eveneens direct te bestellen via onderstaande website bij Lulu drukkerij, in Engeland (Londen): http://www.lulu.com/content/8447784
Boekprijs: 16 €. Verzendkosten LULU vanuit Engeland ± 6 €.

Hoe doe je de bestelling?
1. Inloggen als nieuwe klant bij Lulu en je adresgegevens invullen.
2. Betalingsmogelijkheid: credit card, visa card - deze gegevens invullen.
3. Je gaat naar bovenstaande website in je browser en de boekgegevens komen in beeld.
4. Je klikt op “bestellen” of “add to cart” (in het Engels).
5. Vervolgens komen kaft boek en de prijs op je scherm en zie je de factuurgegevens.
6. Verdere aanwijzingen: je adres staat links bovenaan het scherm; daar wordt het boek opgestuurd.
7. Verzendingsmogelijkheden:
- Je kiest voor “shipping”, vanuit de drukkerij van Lulu in Londen
- Je kiest voor “mail” - de goedkoopste verzending per post - (kan soms 4 tot 6 weken duren, voordat je het boek per gewone post thuis bezorgd krijgt)
- Je kiest voor “ground”, iets duurdere verzending: een koerier bezorgt het boek thuis, binnen de 2 of 3 weken.

Website www.demerpress.be
E-adres: info@demerpress.be
http://stores.lulu.com/hannierouweler

DE BEVLOGEN PEN VAN THIERRY DELEU

In de zojuist verschenen bundel met essays over poëzie Dichters dromen lucide toont de auteur Thierry Deleu zich van zijn beste en meest veelzijdige kant. Opvallend hierbij is de titel, die hij koos, voor zijn eigengereide keuze “10 jaar Nederlandstalige poëzie”, waarbij opvalt dat zijn keuze en waardeoordeel geheel aan zichzelf toe te schrijven zijn: evengoed hadden ook andere dichters en dichtbundels in een dergelijke verzameling essays kunnen staan. De smaak en voorkeuren van elke recensent, criticus, zijn immers anders. Hij verantwoordt zijn selectie degelijk en geloofwaardig in de voorafgaande inleiding, voorin het boek Dichters dromen lucide, in het “Ten geleide”.

In al zijn essays graaft hij diep in de betekenis van een gedicht en de structuur. Hij vermijdt vragen en onzekere factoren hierin niet. Het is lang niet altijd zo klaar als een klontje wat een dichter beweegt tot zijn/haar gedicht, wat er wel of niet staat, en wat hiervan de mogelijke achtergrond zou kunnen zijn. Hij voegt zeer persoonlijke opmerkingen en inzichten toe, aan elk essay, en geeft aan wat hem niet of juist wel aanspreekt in het werk van een bepaalde dichter. Dat doet hij met grote gedrevenheid, passie, inzicht en kennis.

Mijn nadruk ligt nu op de titel en het woord lucide, dat veelbetekenend is, omdat het tevens het landschap van de dichtkunst invult: de dromen, de illusies, de gevoelens, de werkelijkheid, de werkelijkheid achter de werkelijkheid, de betrouwbare en onbetrouwbare interpretaties van woorden en versregels. Dit alles komt u tegen in deze prachtige, vlot geschreven uitgave Dichters dromen lucide, een breed aanbod van bekende en onbekende dichters uit Nederland en Vlaanderen.

Een lucide droom is een droom waarbij de dromer zich bewust is van het feit dat hij droomt. Het begrip is geïntroduceerd door de Nederlandse psychiater en schrijver Frederik van Eeden in een artikel voor het tijdschrift Proceedings of the Society for Psychical Research (SPR) (volume 26, 1913) getiteld A Study of Dreams. Met 'lucide' verwees hij naar de heldere staat waarin de dromer zich bevindt.

Hannie Rouweler,
Demer Uitgeverij (Diepenbeek)



MINNELIEDEREN van Hendrik van Veldeke

hertaling door dichter/vertaler JORIS IVEN


Deze bijzonder originele en unieke tweetalige uitgave (104 blz) is v.a. heden te bestellen bij Demer uitgeverij.
€ 16,00

Publicatiedatum: juni 2010.
Minneliederen van Hendrik van Veldeke hertaald door de dichter/vertaler Joris Iven. Hendrik van Veldeke, die leefde in de tweede helft van de twaalfde eeuw, is de eerste dichter die we bij naam kennen in de Nederlandse literatuur. Hij wordt ook gerekend tot de Duitse literatuur, omdat hij leefde en werkte in het grensgebied van de twee taalgebieden. In de Duitse literatuur wordt Veldeke gezien als een grondlegger in de hoofse literatuurtraditie van het Heilig Roomse Rijk (962-1806). Wanneer Hendrik van Veldeke is geboren en wanneer hij is gestorven, is niet precies bekend. Over zijn levensloop is al bij al weinig bekend. Algemeen wordt aangenomen dat hij vóór of omstreeks 1150 is geboren. Dat wordt afgeleid uit het feit dat hij literair actief was vanaf de vroege jaren zeventig van de twaalfde eeuw.

Joris Iven hertaalde zijn gedichten op een hedendaagse, moderne wijze. Tweetalige uitgave.

Website boek:
http://www.lulu.com/content/8633888

Euro 18 (inclusief verzendkosten)
Bestellen: info@demerpress.be of hannierouweler@telenet.be

LEZINGEN OVER VAN VELDEKE:
De auteur geeft lezingen over Van Veldeke en is hiervoor rechtstreeks te contacteren.
Joris.iven@telenet.be

Demer Uitgeverij
http://www.demerpress.be/
Herdenking kamp Ravensbruck (II)


Het was de dag dat je zei, eens zullen we sterven
andere sterren dan deze gele uitdragen
als deze ogen voor eeuwig, net als andere jassen, sluiten.
Voor onszelf hun vijandigheid niet meer van belang is.

Zo nuchter als de heilige nacht ons zal wenken
bedenken we dan opnieuw dat ze niet beter wisten
zich massaal vergisten. Kijk, ze hebben ook handen,
gewoon ogen, wenkbrauwen als bogen net als wij.

De hemel heeft me beloofd dat voor elk geroofd kind
het firnament voor ’t stoffelijke een beminde
zonnestraal en ster teruggeeft.
Een ademstoot herbeleefd in de mond
van een ander op de tocht in leven laat ontluiken.

Ik zag je gisteren ook het prikkeldraad al naderen
in het licht van de maan
kom gerust stevig, weg van die mensenslachters,
naast me staan.

Zie het wit van mijn ogen lijkt ook woestijnzand.
Ellende is een bleek gezicht, wij, hand in hand
donzen duiven met opgeheven hoofd.

Annemieke Steenbergen


26 april 2010


BELLEN BLAZEN
gedichten over vissen




Met bijdragen van ruim 30 dichters, o.a. Pien Storm van Leeuwen, Henk van Zuiden, Patty Scholten, Joris Iven, Bert Bevers, Tsead Bruinja, Maarten van den Elzen, John Schoorl, Johan Van Cauwenberge, Y. Né, Paul Gellings, Thierry Deleu, Fernand Florizoone, Christina Guirlande.

Publicatiedatum: heden.
Boekprijs: euro 14.
Formaat: 19 x 19 cm - vierkant.
Binnendruk: zeer lichtgeel papier.

VOOR WIE BELANGSTELLING HEEFT VOOR DEZE UITGAVE:
Bankrekening - voor België of Nederland
1 ex. euro 16 (incl. euro 2 verzendkosten)
voor 2 ex van deze uitgave: euro 32.
Nederland: (zonder Iban) ING 3424272 t.n.v. J.R.M. Rouweler, Belgie
Belgie: BNP Parisbas Fortis 001-4253999-43 t.n.v. J.R.M. Rouweler, Diepenbeek

Boek wordt in juni/juli a.s. naar u per post verzonden.
Website boek BELLEN BLAZEN:
http://www.lulu.com/content/8589356

Hannie Rouweler
Demer Uitgeverij, e Publisher
info@demerpress.be
http://www.demerpress.be/

25 april 2010

Nevel


Nevel hangt tussen de heuvels
vaag zie je sterren in de nacht.

Met ogen die aan duisternis wennen
omdat ze geen zonlicht willen kennen.

Je ziel is net zo donker als de nacht
de schaduw heeft je in zijn macht.

In je binnenste mag niemand kijken
je eenzaamheid zal niemand merken.

Nu de wereld je alle hoop op liefde
en geluk, voorgoed heeft ontnomen.


Paula Hagenaars



24 april 2010

WERELDBIBLIOTHEEK IN SAMENWERKING MET
BIBLIOTHEEK PERMEKE

VOORSTELLING VAN HET S Y L V I A - GEDICHT



Amsterdam, 23 april 2010


Geachte heer/mevrouw,


Mede namens de bibliotheek Permeke hebben wij het genoegen u uit te nodigen voor de presentatie van het beeldgedicht Sylvia van Lies Van Gasse op 6 mei vanaf 20u00 in het auditorium van de bibliotheek Permeke te Antwerpen.

Programma:
* Hedwig Speliers - dichter, essayist en criticus - zal een inleiding houden op het werk van Lies Van Gasse.
* Lies Van Gasse zal meerdere gedichten voordragen en haar bundel signeren.

Wij stellen het op prijs als u uiterlijk 3 mei laat weten of u aanwezig zult zijn. De toegang is gratis, maar u dient wel te reserveren. Stuur een e-mail naar Michaël Vandebril: michael.vandebril@stad.antwerpen.be
of bel 0032 3 222 93 34

Met vriendelijke groeten,

Bibliotheek Permeke Uitgeverij Wereldbibliotheek
De Coninkplein – 2060 Antwerpen Koen van Gulik
0032 3 222 93 34
EN HET WATER NEEMT JE NAAM



De wind ligt languit op de dijk.
In de wolken ruik ik de adem
van het zout en de duinen.
Ik grijp de zon in het water

en giet haar uit over hoofd en hals.
Het zieke dier huivert in mijn
bloeiende heup - als regen op riet.
In het zand dat mijn voetstap draagt,

schrijf ik jou ten voeten uit.
En het water neemt je naam.
In het bange handgeklap
van een vogel hoor ik onweer.


Thierry Deleu
Kind...



Bezoedeld door vaders, broers, neven,
leraars, dokters, pastoors
kussenslopen kletsnat door
hete tranen uit kinderogen

Kind deel van ons allen,
eten noch water, uitgemergeld
sterren twinkelen op ons neer
een ster voor een kind

Kijk naar de hemel en weet
schuldig te zijn aan elk kind
dat te vroeg heenging
kun je huilen als je dorstig sterft

Gebroken botten brengen geld
in de bedelnap, wekken meelij
kind met oude ogen je wordt
begeerd tot je te groot bent

Tranen heb je niet meer
doorbreek je de cirkel
laat je de kleinsten onschuldig
bega niet dezelfde zonde.

Kind zonder jeugd
vleugellamme vlinder
tuin zonder bloemen
geknakt voor de bloei

Suzaninka


Moederdag 2010


Weemoedig slenterend zie ik
zoveel leuke hebbedingetjes
kopjes bezaaid met koffieboontjes,
kleurige bloementjeschort

Zo’n koekentrommel, de koninklijke
familie erop, die zou je altijd bewaren
fleurige kussens zacht voor je rug
f… een kanten tafelkleed

De tafel netjes gedekt, geurende koffie
taart voor het bezoek
vazen staan leeg te wachten,
op de bloemen die komen

Ik hoor je zeggen:
wat prachtig, dat had niet gehoeven
glunderend in het vooruitzicht
de bewonderende buurvrouw

Je zult niet trots zeggen
kijk voor jou de asbak klaargezet
zo graag zou ik vandaag je
eens dicht willen nemen

Mijn moedertje met haar
zilvergrijze haar netjes
in de krul gezet
voor moederdag.

Suzaninka

23 april 2010

Ontwerp ridder Parsifal



Wens je ridder ofte jonkvrouw te worden van
The Knights of the Razorblades?



Dit riddergenootschap is de eerste significante online ridderorde. Deze ridderorde streeft - in haar zoektocht naar de Ultieme Verbinding - naar een perfecte synthese van de belangrijkste bevindingen van The Information Age.

Al 70 ridders en jonkvrouwen maken deel uit van The Knights of the Razorblades, afkomstig uit Andorra, Belgica, Bourgondië, Brabant, Flandria, Hypomania, Koninkrijk van het Hart, Land van Vele Stromen, Limburgia, Nederland, Rome, United Kingdom, Veenendaal en Vlaanderen.

Wens je lid te worden, zet volgende stappen:
1° Bezoek onze website http://www.knightsrazor.be/
2° Lees o.a. de Princiepsverklaring.
3° Vul de gegevens in en verklaar je akkoord met de principeverklaring.
4 ° De Grootmeester of één van zijn verheven medewerkers zal jou via e-mail contacteren en jou informeren.

Gegevens van het genootschap:
Deze gegevens zijn verplicht. De riddernaam wordt je aanspreking binnen het genootschap en wordt door jou gekozen. Alle contact verloopt via je e-mailadres:

Riddernaam / e-mailadres / land der verbinding

○ Ik verklaar mij akkoord met de princiepsverklaring

Profane gegevens:
Het ingeven van onderstaande persoonlijke gegevens is niet verplicht.

Profane voornaam  / en naam / postcode + plaats


Mail dit document aan
grandmaster@knightsrazor.com
RECENTE PUBLICATIES VAN THIERRY DELEU
NOG IN VOORRAAD


Marc Bourry, man van het volk. - Stad Harelbeke, 1986, 384 blz. - Geschiedenis van een beweging, kroniek van een stad, verhaal van een leven
25 euro (*)

Val der Engelen. - Harelbeke: Het Schaap, 1997, 48 blz. - Tekeningen Henk Deleu
10,50 euro (uitverkocht)

Verslag van een literaire ontmoeting met André Velghe. - Harelbeke: De Gebeten Hond, 1998, 150 blz.
12 euro (*)

In de weelde van de liefde. - Harelbeke: De Gebeten Hond, 2000, 199 blz. – Gedichten
15 euro (*)

Ik zou liegen als ik het anders zei. - Harelbeke: De Gebeten Hond, 2001, 240 blz. - Teksten 1965-2000
15 euro (uitverkocht)

Guy van Hoof, dichter zonder kroon. - Harelbeke: De Gebeten Hond, 2001
15 euro (uitverkocht)

Eindterm (roman). - Harelbeke: De Gebeten Hond, 2002
12 euro (*)

Amélie Laforêt (roman). - Harelbeke: De Gebeten Hond, 2003
15 euro (*)

Arsène du Frêne, heer van La Vallade (historische roman). - Harelbeke, De Gebeten Hond, 2004
15 euro (* + **)

À titre Personnel (brievenboek). - Groningen: Gopher Publishers, 2004
20 euro (uitverkocht)

De kiemjaren (gedichten). - Gent: Razor’s Edge Editions, 2006
10 euro (uitverkocht)

Klamme handen (roman). - Gent: Razor’s Edge Editions, 2006
14 euro (**)

Magisch alfabet (gedichten). - Gent: Razor’s Edge Editions, 2007
14 euro (uitverkocht)

De doden zwijgen niet (roman). - Gent: Razor’s Edge Editions, 2008
15 euro (2de druk) (**)

Liefde en dood op Sint-André (roman). - Gent, Razor’s Edge Editions, 2009
15 euro (2de druk) (**)

Dichters dromen lucide (essay). - Demer Uitgeverij, 2010 (***)
21 euro


(*) Te bestellen in de Stedelijke Openbare Bibliotheek Harelbeke, Eilandstraat 2 te 8530 Harelbeke (vragen naar Jan Van Herreweghe) - 056/733440 of 056/733442.

(**) Te bestellen bij de auteur: Zandzeggelaan 18-102 te 8670 Oostduinkerke (058/514120 of 0478/745498) of over te schrijven op 000-0900214-54 van de auteur.

(***) info@demerpress.be of hannierouweler@telenet.be.
Vertrouwend


zwevend over water
onderhuids venijn
niet gekende diepte
doet stilte vullen

je kijkt mij aan
even maar
tussen stilslapend
kinderlijk zijn

angst gebundeld
hoopvol
om te verankeren

kleine wortels
van verlangen
levend zijn


Monique Verplancke

22 april 2010

Graag nodigen wij u uit op de vernissage in Galerie ARTE LIBRO

op vrijdag 23 april om 19 uur

LUCIEN ENGELS

s c h i l d e r i j e n


In het voorjaar van 2010 verschijnt de tweede, herziene editie van Lucien Engels.
Architecture Art Design / Architectuur Kunst Design.

Het boek verschijnt als aflevering 80 in de serie Vlees & Beton,
een productie van de Vakgroep Architectuur & Stedenbouw, Universiteit Gent.

Auteurs: Geert Bekaert, Mil De Kooning, Maarten Liefooghe, Christophe Van Gerrewey.

Vormgeving: Ann Bessemans & Henk Lenting.

Fotografie: Wim Van Nueten. - Drukwerk: Cultura Wetteren.

Hardcover, 388 pag. 4-kleurendruk, prijs: € 73.
Resterende exemplaren eerste druk (250 genummerde exemplaren): € 110.

Op deze vernissage wordt eveneens de portfolio
Bas Congo 1952-1953 voorgesteld,
een beperkte editie van dryprints
die door Lucien Engels werden genummerd en gesigneerd.

De tentoonstelling is geopend van vrijdag 23 april 2010 tot en met zondag 9 mei
op zaterdag en zondag van 14 tot 18 uur en iedere dag op afspraak 09.369.90.41

info en plannetje : arte libro
ARTE LIBRO - HEKKEGEMSTRAAT 79 - 9260 SCHELLEBELLE

21 april 2010

Herdruk "Manieren van Ordenen" - Jan Van Herreweghe


MANIEREN VAN ORDENEN


Al jaren zoek ik naar een ideale manier om mijn bibliotheek te organiseren. Ik ben begonnen door eerst wat te lezen over dit onderwerp. Ik herinner mij het boek Bibliotheek en documentatie van Th.P. Loosjes. Ik plakte stickers op de ruggen! Die slechte gewoonte heb ik afgeleerd. Nu gebruik ik een 3-cijferige code die onder andere boekhandels helpt om ingekochte boeken in de juiste rekken te plaatsen. Anyway, om een lang verhaal kort te maken: mijn boeken zijn nu onderverdeeld in een aantal thema’s, maar ze pronken al lang niet meer op de juiste plaats. Toen ik Manieren van ordenen in het oog kreeg, dacht ik: “Dat is het!”

Hierin heeft Jan Van Herreweghe het over het verzamelen van boeken en de problemen die ermee gepaard gaan. Als aanwijzer gaf hij het essay de bijtitel Van feitelijk gebeuren tot conceptueel idee. Het boek(je) is verzorgd uitgegeven, in een leesbare lay-out, gezet uit de Baskerville punt 10. Het kaftontwerp is van de hand van Tom Van Laere op basis van het schilderij “Oneindige Bibliotheek” van Jean-Marie Bytebier. Drukkerij Sintjoris Merendree zorgde voor de grafische vormgeving. Toen ik het las, was ik er onmiddellijk van overtuigd: “Dit boekje hoort ook thuis bij de particuliere boekenworm!”

Van Herreweghe opent zijn boekje met enkele citaten (citaten en gezegden plukken over boeken, bibliotheken, boekhandel, schrijven, cultuur, filosofie is zijn dada, zie Als de tafel wankelt, komt een boek het meest van pas, De Gebeten Hond, 2005). Deze keer kiest hij voor Gerrit Komrij, Carlos Ruiz Zafōn, Alberto Manguel, Jorge Luis Borges en Benjamin Disraeli. Vooral wat die laatste schrijft, heeft mij getroffen: “Boeken zijn fataal. Ze zijn de vloek van het menselijk geslacht (…) De grootste ramp die de mens ooit overkwam, was de uitvinding van de drukkunst.”

Onder dit gesternte begint de auteur zijn essay.

Het belang van boeken

“Boeken. Boeken. Boeken. En wat met hun lezers?” Een terechte vraag die de auteur-bibliothecaris zich stelt. Boeken kunnen een grote invloed hebben op het gedrag en de denkwereld van de lezers. Sommige lezers kunnen beter relativeren dan anderen (de jongsten het minst). Het zijn niet alle stichtende boeken. Voor de auteur zelf was De bende van Jan de Lichte van Louis Paul Boon het beginpunt van een leesavontuur dat op 17-jarige leeftijd (pas) begon met en herexamen Nederlands en tot op vandaag ongewone proporties heeft aangenomen. Van Herreweghe is een wandelend boek, een mobiele bibliotheek, een “scheefgegroeide” boekenfanaat die mensen die niet lezen meewarig bekijkt alsof ze in de evolutieleer van Darwin naast de boot zijn gevallen (of moet ik schrijven: de boot van Noë hebben gemist?).

“Het verzamelen van boeken,” schrijft de auteur, “begint naar mijn aanvoelen met een liefde voor het oeuvre van een bepaald auteur.” Een kwestie van smaak dus. Wie valt in de smaak van Van Herreweghe? En vooral: welke auteur mag het vergeten ooit te mogen pronken in de rekken van de auteur zelf of in de rekken van zijn bibliotheek? Hij stelt alle auteurs gerust: “Vervolgens leidt de inhoud van een boek naar een ander boek van een collega-auteur.”

Mijn voorkeur gaat uiteraard uit naar “literatuur” - toch voor mij als dichter en romancier - in haar heel enge betekenis. Ik stel haar tegenover “lectuur”: een lagere, populaire vorm van geschreven fictie of non-fictie. Het essay van Van Herreweghe behandelt zowel de fictionele of de non-fictionele wereld in woorden. Uit zijn exposé blijkt wel dat hij veel liefde heeft voor de hogere, elitaire vorm van “schrijven”. Als bezige bij en “all round klusjesman” van de literatuur (bibliothecaris, verzamelaar, auteur, kunstpromotor en uitgever - dit laatste wil hij niet gezegd hebben) is hij de “right man on the right place” om dit essay te schrijven.

De bibliofiel en de verzamelaar

Vooreerst moet ik verduidelijken dat dit essay niet gaat (of toch in veel mindere mate) over de bibliofilie. Of het verzamelen van boeken, die opvallen door hun uiterlijk. Iemand die alle boeken van een bepaalde schrijver in huis heeft, is nog geen bibliofiel. Een bibliofiel zal ongetwijfeld van lezen houden, maar hij of zij is met name vooral geïnteresseerd in het boek als ding vanwege zijn schoonheid of vanwege zijn zeldzaamheid. Als hij of zij de allereerste en opeenvolgende drukken heeft (of probeert te krijgen) en zoveel mogelijk secundaire literatuur van een bepaalde schrijver bezit, wordt hij al snel bibliofiel genoemd.

Een aanrader voor het verzamelen van boeken is het essay Het verzamelen van boeken: een handleiding van P.J. Buijnsters, uitgegeven bij Hes Uitgevers, Utrecht, in 1992..

De twintig hoofdstukken behandelen niet uitsluitend te verzamelen boeken, maar “en marge” ook een brok geschiedenis van het maken van boeken, met een overzicht in vogelvlucht van wat de aankomende boekenverzamelaar moet weten over papier, boekband en illustratie, over incunabelen en postincunabelen, handschriften, moderne eerste drukken en de zg. “press books” of privé-drukken en -uitgaven. Een uitstekend boek voor aankomende verzamelaars!

Hoe ver staan wij af van de oorspronkelijke doelstelling (zoals geformuleerd in de eerste prospectus van “Stichting De Roos”, 1945) : “Het maken van boeken en drukwerken enkel om de ongerepte en ook onbaatzuchtige liefde voor typografie en kunst, in alle denkbare vormen waarin deze kunnen samengaan”? Jan Van Herreweghe hanteert nog altijd dit “idealistisch” beeld van het boek. Dat valt elke keer op als hij een boek inleidt of in zijn bibliotheek ruimte maakt voor een voorstelling, of wanneer hij tentoonstellingen organiseert. Elke keer brengt hij de link tussen boek en beeld, druksel en kunst, ter sprake.

Boeken zijn ook informatiedragers via letters of “informatie via kleurverschillen (klassiek: zwarte letter op wit papier). Deze informatie kan louter fictie zijn, waarbij de lezer zich laat amuseren of verrijken door de fantasie van de auteur of non-fictie waarbij de auteur zich tot doel heeft gesteld (bruikbare of nuttige) informatie te verstrekken aan zijn lezers. Van Herreweghe laat zich animeren door het uiterlijke van het boek, het uitzicht, de kaft, de bladspiegel, het papier, het lettertype, maar - en dit valt op - vooral door de schrijver zelf die toch de oorspronkelijke eigenaar is van het boek. Hij is de schepper (de schrijver of journalist). Ik haast mij hier aan toe te voegen dat het fenomeen internet vanaf het einde van de 20ste eeuw geleid heeft tot een nog altijd durend proces van het her-ijken en aanpassen van de wetgeving.

Paleizen van het geheugen

Verzamelaars van een boeken (in welke primitieve vorm ook) hebben altijd bestaan. Vandaag groeit dan ook de belangstelling naar de herkomst van het boek. Meer en meer bibliotheekcatalogi getuigen van deze belangstelling. De herkomst van een boek geeft ons een idee over het traject dat een boek aflegde. Ook krijgen wij zicht op de vorming van bibliotheken, particuliere bibliotheken of privé verzamelingen. Hieruit blijkt ook hoe het zat met het boekenbezit, het boekengebruik, de schenkingen, de legaten, de mecenaten bij ons te lande. Voor de geschiedenis van het gedrukte boek is dit natuurlijk uitermate belangrijk.

De Leidse schrijver Rudy Kousbroek beweert in Paleizen van het geheugen. Zeven Leidse Jongenskamers, fotografie Bert Teunissen, formaat: 30 x 22 cm, 550 euro): “Er bestaan vrijwel geen vrouwelijke boekenfanaten.” Een recensent schrijft bij het bekijken van de foto’s in dit boek: “Dit zijn geen meisjeskamers.”

Ik stel mij een kamer van een boekenverzamelaar als volgt voor: “Torenhoog staan de boeken opgestapeld tegen de wanden. Je kunt de boeken haast ruiken: de geur van vergeeld papier, de tabakswalm die er al dagen hangt.” Fanatieke boekenverzamelaars lijken op “oudere heren”. “Je weet het: hier houdt geen vrouw het uit.” Rudy Kousbroek, die zelf ongetwijfeld ook zo’n jongensrommelkamer als biotoop heeft, noemt dergelijke kamers “de paleizen van het geheugen”:

Ja, ik kan er in komen dat een boekenverzamelaar (en zeker een bibliofiel) gelijkt op een archeoloog. Of zijn boekenverzamelaars veeleer als jonge jongens die alle delen van Kuifje willen hebben?

Manieren van ordenen

Voor Van Herreweghe is “het ordenen van boeken een hoogst persoonlijke en subjectieve aangelegnheid.” (Wan)orde is de regel wel? “De manieren waarop men boeken kan ordenen zijn in één pennentrek niet te vatten. Iedere boekenverzamelaar legt immers zijn eigen accenten.” Is dit zijn eindconclusie? Ook Alberto Manguel schrijft in zijn Dagboek van een lezer (Amsterdam, Ambo, 2004): “… De tweede categorie (de boeken die ik overdag lees) is onderworpen aan mijn opvatting van orde en indeling en gehoorzaamt me bijna blindelings (soms komen er boeken in opstand en moet ik ze een andere plaats geven).”

“Op het vlak van ordenen zijn er in de loop van de geschiedenis van de openbare bibliotheken wel afspraken gemaakt,” schrijft Van Herreweghe. Classificeringssystemen of ordeningssystemen zijn afspraken. Hierna bespreekt de auteur enkele van deze opstellingen (chronologisch catalogeren, het gesloten kastsysteem, kwotering qua zedelijk gehalte, genre-rangschikking, enz.). Wat de plaasting van informatieve boeken betreft, is het meest gangbare systeem voor ordening in openbare bibliotheken het SISO-systeem (SISO = Schema voor de Indeling van de Systematische catalogus in Openbare bibliotheken).

Met dit essay heeft Jan Van Herreweghe een handig werkinstrument geschreven voor zijn collega’s-bibliothecarissen, maar ook - en misschien vooral - voor de privé verzamelaars van boeken en voor de boekenwormen die thuis hun kleinoden een mooie (maar vooral opvallende en toch overzichtelijke) plaats willen geven.

De auteur heeft op een aanschouwelijke, beknopte en heldere manier een deel van zijn taakomschrijving als bibliothecaris op papier gezet. Hij bespreekt de voor- en nadelen van de verschillende ordeningssystemen; hij toont voorbeelden en verwijst naar de gevolgen van een keuze.

Het essay is zeker didactisch, maar de tekst heeft ook een verhalende draad waardoor belering en overdracht van liefde voor het boek hand in hand gaan. Van Herreweghe etaleert zijn belezenheid zonder dat het de lezer stoort. Nooit heb je het gevoel dat de auteur zelf inzicht mist of zich opblaast achter de hiërachie en autoriteit van een classificeringssysteem. Voor archivarissen, bibliothecarissen, boekenverzamelaars, boekenminnaars is dit korte essay een geschenk uit de hemel. Bovendien zal het de “rommeligheid” van mijn eigen bibliotheek en die van jou, lezer, een zware (en terechte) slag toebrengen.

Van Herreweghes fascinatie voor ordeningssystemen begon uiteraard met zijn vorming tot bibliothecaris. Zijn kennismaking met de bibliofilie, en dan meer bepaald met enkele bibliofielen in hoogst eigen persoon, heeft hem gestimuleerd om de wereld van het rangschikken af te tasten. Met als resultaat onder andere het project van “De oneindige bibliotheek” en dit essay. Dit project (november/december 2002 in de openbare bibliotheek van Harelbeke) stond onder het curatorschap van beeldend kunstenaar Jean-Marie Bytebier.

“Verliest de schriftcultuur steeds meer terrein aan een digitale cultuur?” Volgens mij zijn de doemscenario’s van boekenminnaars gebaseerd op een overwaardering van oude vormen en een angst voor het nieuwe. Ook in het cybertijdperk zal er volop ruimte zijn voor literaire verbeelding. En weet je waarom? Denk nu aan je zelf: heeft de interactiviteit op het internet jou nog niet geprikkeld tot participatie? Kenmerkt een digitale cultuur zich niet door een grote vitaliteit? Zou de niet-lezer niet kunnen worden gestimuleerd om eens wat vaker op het net te gaan lezen, als boekenwurm?

Thierry Deleu

* Jan Van Herreweghe, Manieren van ordenen, 24 p., Harelbeke, De Gebeten Hond, 2006.. Te verkrijgen in de Openbare Bibliotheek Harelbeke en op 056/73.34.40, info.bibliotheek@harelbeke.be.
AANKONDIGING NIEUWE DICHTBUNDEL
Marleen De Smet

Tussen schaduw en schittering (48 blz.)

Boekprijs via website: euro 12,95
Formaat: 19 x 19 cm, gebonden uitgave.
Ook leverbaar via Demer Uitgeverij.

“De bundel Tussen schaduw en schittering getuigt van een uitzonderlijke fijngevoeligheid, die door een hartstochtelijke dichteres fluisterend aan het ‘veelal’ wordt toevertrouwd. Marleen De Smet bruist van authentiek en dus origineel poëtisch talent.”
Mark Eyskens,
Minister van Staat

Fragment, Nawoord Thierry Deleu:
“Marleen De Smet slaagt erin om het heel persoonlijke toch in universele gedichten te verwerken. Door middel van taal schept zij een eigen universum, waarin je (bijna moeiteloos) kunt doordringen tot onbekende gebieden, die verrassen. Woorden zijn de handvatten die toegang geven tot een niet-eindigend leven. Haar poëzie is zo rijk aan beelden, vergelijkingen dat je spontaan bij de gedachte komt dat de dichter een picturale geest heeft. Schrijven is eigenlijk het lezen van beelden, die voortdurend om je heen veranderen. Van deze overweging zijn de gedichten in Tussen schaduw en schittering een bijzonder geslaagd voorbeeld.”

De uitgave is tevens als hardcover verkrijgbaar, uitsluitend via onderstaande website:
Boekprijs. Euro 18 (formaat: 20 x 27 cm)

Vanaf september, gebonden uitgave 19 x 19 cm, te bestellen bij Demer Uitgeverij
info@demerpress.be of hannierouweler@telenet.be
Euro 15 (incl. verzendkosten)

Met vriendelijke groeten,
Hannie Rouweler
Demer Uitgeverij

AANKONDIGING NIEUWE DICHTBUNDEL

TINE HERTMANS

De geur van akkerwinde(104 blz)


Preview

Boekprijs via website: euro 16

Fragment uit Inleiding Thierry Deleu:
“Met De geur van akkerwinde publiceert Tine Hertmans haar tweede bundel. Zij bevestigt mijn eerste oordeel (bij haar debuut De dagen zijn van spinrag): gevoelige, aansprekende poëzie, waarin het aardse, de kosmos en het sacrale met elkaar verweven zijn.

Naar de vorm vertonen de gedichten twee stijlen (het stramien verandert): soms strak en ingebonden, soms vrijer en spontaan. De eerste illustreren het keurslijf waar de dichteres in gevangen zit, de tweede reeks evoceert de andere kant van haar leven.

Twee stijlen, twee inhouden. Vooral wanneer ze postvat aan de andere kant van het leven, is haar poëzie minder persoonsgebonden of lotverwant en daardoor rijker, universeler. Ook dan peilt zij naar de randen van het leven zelf, maar zij creëert een wereld die minder bevangen is, minder beschroomd, minder begrensd qua emotie en bereik. Dit is de paradox en in feite een blauwdruk van haar eigen ervaringen.

Wat ook haar uitgangspunt is, zij zuigt je mee in een wereld van lust, verdriet, liefde, verlies, opoffering, jeugdigheid, ouderdom, dood en geboorte.”

Vanaf augustus te bestellen bij Demer Uitgeverij
info@demerpress.be of hannierouweler@telenet.be
Euro 18 (incl. verzendkosten)

Met vriendelijke groeten,
Hannie Rouweler
Demer Uitgeverij
http://www.demerpress.be/

MANIEREN VAN ORDENEN

Collega's,


In april 2006 publiceerde ik mijn verhalend essay Manieren van ordenen (24 blz.). Dit najaar verschijnt een remake van dat essay als 3de deel van mijn boekenproject Het menselijk tekort bij een teveel aan papier. Het boek zal 112 bladzijden tellen en geeft een inzicht in de psychologie en de psychoanalyse van de verzamelaar, schenkt aandacht aan de geschiedenis van ordeningssystemen gaande van Melvil Dewey over Joris Baers tot ZIZO... dit alles aan de hand van geschiedkundige documenten en fragmenten uit de wereld van het proza en de poëzie. Ook schrijvers en kunstenaars hebben soms eigen ordeningssystemen.

Niemand minder dan Gerrit Komrij las reeds het manuscript en schreef vervolgens:

Beste BoekenJan,
Ik heb het derde deel van je cyclus ontvangen en opnieuw met veel plezier gelezen. De verzamelaar kan zichzelf alleen genezen door zijn ongeneeslijkheid. Op weg naar zijn goddelijke status, de status van de man die alle boeken heeft, is hij een beetje een hafgod.


Je
Gerrit Komrij

Kortom een onmisbaar boek voor de bibliotheekcollectie!
Manieren van ordenen zal op 16 oktober 2010 het licht zien. De presentatie vindt plaats in Harelbeke samen met de opening van een tentoonstelling met werk van Denmark. Samen met kunstfilossof en verzamelaar van kunstenaarsboeken Johan Pas gaan we in debat over onze omgang met boeken..

Wie Manieren van ordenen wil bestellen, kan terecht bij vzw De Gebeten Hond, Nijverheidsstraat 8 te 8530 Harelbeke

Prijs: 20 euro

Vriendelijke groeten
Jan Van Herreweghe
Beste,


De bloesems ontluiken volop, straks staan ze te pronken in al hun pracht. Ideaal moment om ze te gaan bewonderen. Daarom nodigen we je van harte uit op onze vijfde

POËTISCHE EN SCHILDERACHTIG BLOESEMWANDELING

op zaterdag 24 april 2010 om 14 uur in Mettekoven (deelgemeente van Heers). Plaats van afspraak: dorpsplein Mettekoven, aan taverne Martenshof, Bergstraat 1.

Schilders van Kunstkring Kreatief uit Genk, van het Schildersatelier Heers en van Kunstkring Genk - Streven, zullen op het wandelparcours de bloesems op doek vereeuwigen. Dichters van de Koninklijke Vereniging van Limburgse Schrijvers (KVLS) lezen tijdens de wandeling aangepaste natuurgedichten voor. En Jan Goffa, de nieuwe Haspengouwse Fruitdichter, zal voor het eerst in openlucht enkele gedichten debiteren.

Clem Verheyden, voorzitter van de Keizerlijke Commanderie van de Edele Haspengouwse Fruyteniers en hun Gastronomie, zal de dichtbundel Schilderachtig Haspengouw voorstellen. Deze bundel bevat schilderijen van kunstenaars uit de deelnemende schildersverenigingen en gedichten van Boudewijn Knevels die hiermee zijn periode als eerste Haspengouws Fruitdichter afsluit.

Breng gerust je familie, vrienden of kennissen mee. Zo kunnen we met velen genieten van het bloesemend Haspengouw.

Tot weldra,

Edith Oeyen, Clem Verheyden,
Voorzitster KVLS. Voorzitter Keizerlijke Commanderie.

Nieuw boek van Ghislaine Bergen!

Beste boekenliefhebber,


Graag kondig ik de publicatie van mijn nieuwe boek

Onvoorwaardelijk trouw

aan op http://www.unibook.com.

Meer informatie over dit boek is te vinden op
http://www.unibook.com/nl/Ghislaine-Bergen/Onvoorwaardelijk-trouw
waar je het ook online kan kopen. Of je kan eerst een fragment uit het boek lezen.

Met vriendelijke groeten,

Ghislaine Bergen
Herleven

kind van mij


in eeuwigheid
verankerd
doffe pijn

over grenzen heen
geboren
verblijvend
in kosmisch zijn

herkenning
brengt naderbij
even maar

ontmoeting
jij en mij
in kindsgeworden
wonder blij

jij zwaaide
ik aaide...
je verre zijn
even heel nabij

verder ga je weer
over wolken heen
jouw eigen reis

koesterend blijft
je warmte na
hou het even vast

en laat je dan
weer vrij...

Monique Verplancke

20 april 2010


Frank Pollet haakt Caravan!
aan zijn eigenzinnig oeuvre

door Bert Bevers


Een van mijn lievelingsbands is XTC, een typische Britpopgroep die zich als een waardig erfgenaam van The Beatles mag beschouwen. Doorgaans maakte de formatie strak samengestelde albums, niet zelden rond een bepaald thema (English Settlement, The Big Express). Een van mijn lievelingsplaten van XTC echter is Rag & Bone Buffet, eerder een zootje ongeregeld. De ondertitel ervan luidt niet voor niets Rare Cuts & Leftovers. Frank Pollet (˚ 1959, Sint-Niklaas) componeert zijn bundels veelal heel strikt. Alles lijkt erin naar alles te verwijzen. Van Pollet is er nu een verzamelbundel uit die je als zíjn Rare Cuts & Leftovers kunt beschouwen.

Het gaat om Caravan!, een bundel die als ondertitel Mobiele gedichten 1982-2009 meekreeg. Het betreft hier poëzie die om verschillende redenen nooit een reguliere bundel van zijn hand haalde. De verzen verschenen in brochures, kranten, kunstmappen, kranten, tijdschriften en verzamelbundels. Hoewel de gedichten uit verschillende perioden stammen, en thematisch uiterst verscheiden zijn slaagde Pollet er ook nu in om de hele handel een ordening te geven: Caravan! telt elf afdelingen (vier met zes, een met vijf, drie met vier en drie met drie gedichten) die allemaal de naam van een fictieve camping dragen.



Zoals de mannen van XTC musician's musicians zijn, zo zou je Frank Pollet een poet's poet kunnen noemen. Het grote publiek kent zijn werk te weinig, maar het wordt door vakgenoten zeer gesmaakt.

"Pollet slaagt erin de lezer te laten geloven dat alles in zijn bundel betekenis en zin heeft. Hij overtuigt zonder concessies te doen. Hij schreef ooit ‘Wij worden erts dat niemand delft’ Ik twijfel er niet meer aan dat zijn poëtisch sediment rijk genoeg is om nu al opgegraven te worden maar als zijn naam over honderd jaar nog eens opduikt, zal dat zijn op basis van studies en besprekingen en zeker niet op basis van aantallen verkochte boekjes," schreef Albert Hagenaars bij de verschijning van de bundel LaDiDa (in De Houten Gong). "De titel vormt dan wel de eerste zet op het spelbord dat Pollet de lezer toeschuift, maar met fatterigheid, aanstellerij heeft deze poëzie niets te maken, wel met het kiezen van een positie: trots, ongenaakbaar, ironisch en soms prikkelend arrogant."

Dezelfde Hagenaars merkte naar aanleiding van Drie Theremins op De Contrabas op: "Korte regels, eenvoudige beeldspraak, rustige zegging en hier en daar een allittererend effect. Wat een karige poëzie zou je op basis van de eerste lezing zeggen. En toch broeit het in deze strofen, toch gebeurt er een heleboel in de tekst, die nog meer aan mogelijke betekenissen wint, naarmate hij afgezet wordt tegen de volgende gedichten. Ze zijn stuk voor stuk semantische schaakborden met verschillende constellaties, waarvan de stukken verschuiven bij elke lezing."

En Chrétien Breukers noemde Pollet (naar aanleiding van aLDiDa, op Poëzierapport) 'een dichter die taalplezier, vakmanschap en het uitdragen van een boodschap weet te gieten in een bundel waar de vonken van afslaan.'

Er zijn in zijn werk, ook in Caravan!, bepaalde constanten te herkennen. Zoals zijn maatschappelijke engagement. "Pollets poëzie snijdt als een ontleedmes, maar is tevens lillend van oprechte verontwaardiging," was ooit in het literaire tijdschrift Deus ex Machina te lezen. Dat geldt ook hier. Jarenlang becommentarieerde Pollet in zijn rubriek (D)Waasland in een regionale gazet de allengs verontrustender politieke ontwikkelingen omtrent het polderdorp Doel, dat dreigde/dreigt te verdwijnen om plaats te maken voor uitbreiding van de haven van Antwerpen, de grote stad 'aan de verkeerde kant van het water'. Die situatie inspireerde hem tot een aantal gedichten over het dorp, hier opgenomen in het drieluik Camping in Doel. Ook in de afdeling Camping Deurganck staat een goed voorbeeld van zijn betrokkenheid bij wat er in De Wijde Wereld zoal gebeurt:


Eigening

Stilte is het sprookje uit de poldertijd, een koe
een hinderlijke melkwitte vlek
op de groenige zoom van het maanlandschap.

We houden niet van deze logica, wij houden
weinig horizon voor onze adem
over, voelen hier de aarde

scheuren:

een gele kraan haalt alle grond
onder onze voeten
weg en maakt door een hoek
van het denken een fout in de stroom.

Wij bestaan nu grotendeels uit water,
het komt ons meer en meer de ogen uit. Het duurt
tot wij uit elkaar valt
in ik en ik.

En jij.

Een andere constante is de sport. Frank Pollet voelt zich niet te groot zich af en toe te laten inspireren door wat voor veel dichters simpel vermaak voor het volk is. Zo schreef hij ooit over het marathonlopen, en wijdt hij in Caravan! in de reeks Camping Tour 2002 niet minder dan drie gedichten aan wielrenners. Aan Axel Merckx, aan Levy Leipheimer (volgens mijn Wielergids 2010 is het Levi - maar dit terzijde) en aan


Mario Aerts, Lotto

'Zesmaal gegokt, zesmaal
verloren. De gezegende omstandigheden
van de winnaar, die onthoudt men allemaal.
Jaja, ik ben toch tevreden.

Men zegt dat ik charmeer, want
ik trap rond zoals een lottobal; in
mijn dromen is het dat ik vierkant
maal, maar vele malen win.

Daar en dan eet ik mijn pasta op en sla
mijn tegenstanders murw. En tel goddank,
terwijl ik door de pijngrens ga,
als SuperMario, de nullen op mijn bank.

Nee, ik rijd me niet graag het snot
voor de ogen. Ik speculeer
op goed geluk. Dat is mijn lot.
Ik gok, ik val er liever nkiet bij neer...'

Het eigenaardige aan Frank Pollets werk is dat je je er vaak niet van bewust bent hoe consequent hij rijmschema's doorvoert. Ik herinner me een gesprek met Willem Persoon, die zelfs bestrééd dat Frank Pollets gedichten rijmen. Toen ik hem op het strenge a-b-c / a-b-c / a-b-c / d-schema van Drie Theremins wees, was hij oprecht verbaasd. Het is knap dat het rijmen de facto niet opvalt. Dat bedacht ik me bij het lezen van Mario Aerts, Lotto opnieuw. De regels lijken er zomaar, wat losjes welhaast, te staan. Maar ziet: a-b-a-b / a-b-a-b / a-b-a-b en a-b-a-b.

Nog een constante vormen diverse plaatsen. Pollet schreef regelmatig werk bij dorpen en steden die hem iets deden. In deze bundel zijn dat plekken in Vlaanderen als Kemzeke en zijn vroegere woonplaats Sinaai, en in Nederland het Brabantse Bergen op Zoom en het Friese Tjeukemeer.

Regelmatig laat de dichter zich ook inspireren door andere disciplines als beeldende kunst en muziek. In dit geval werd zijn pen in beweging gezet door beelden van Jan Calmeyn, Idel Iachelevici, Mariëtte Teugels en Robert Vandereycken, schilderijen van Piet Brak, Jan van Eyck en Almada Negreiros, een foto van Hugo Maertens en een installatie van Christine Clinckx. Een voorbeeld:

Johannes De Eyck fuit hic 1434
bij Portret van Giovanni Arnolfini en zijn vrouw van Jan van Eyck

De dag verlicht één kaarsvlam en zij
Zijn met twee. Maar geloof niet
Wat je ziet: op het doek, in het gebied
Dat het perfecte decor van goud en zijde

Vormt, strijk ik zeer zorgvuldig metaforen dicht.
Geen onvertogen woord verbreekt het evenwicht
Dat de tijd kleurt. En geen hand in een hand
Helpt de passie rond een spiegel op de achterwand

Van deze kamer. Inmiddels zwijgen de getuigen
Als verstoord. Door de stotende aanwezigheid
Van wie mee in deze spiegel der oneindigheid
Blikt. Hoewel onzichtbaar zoals liefde die in duigen

Valt.

Pollet schrijft een magnetiserende poëzie. Soms doet ze je klein voelen als in een narthex, dan weer geborgen als in de hoek van je eigen bank onder de leeslamp. Het was judicieus van Uitgeverij WEL (waarbij van Pollet eerder reeds de bundels Zymose (1984), La Strada (1985) en De Weeromstuit (1996) verschenen) en de auteur om wat er in de loop der jaren zoal tussen de schappen dreigde te verdwijnen bijeen te brengen. Wat mij betreft maakt Caravan! een volwassen onderdeel uit van het oeuvre van deze eigenzinnige Waaslander.

Caravan! - Mobiele gedichten 1982-2009, Frank Pollet, Uitgeverij WEL, Bergen op Zoom, 2010 (ISBN 9 789062 300969)
KUNSTGALERIJ MENS & NATUUR

MAENHOUTSTRAAT 75A SINT-MARTENS-LATEM

ELS VERMANDERE en RENAAT SIJOEN

nodigen U van harte uit op de VERNISSAGE van hun expositie ECHO op:
zaterdag 24 april van 14:00 t.e.m 19:00.

Vanaf 15:00 inleiding door Bieke Vandekerckhove, muziek en poëzie door Amalia Vermandere en Dominique Jacobus.

TENTOONSTELLING loopt van 24 APRIL tot 6 JUNI 2010

OPENINGSUREN: donderdag- , vrijdag- , zaterdag- en zondagnamiddag 14:00 - 18:00
en op afspraak ( 0496 80 57 99 - Arnold Eloy - arnold.eloy@skynet.be )

19 april 2010

werkelijkheid


het kind dat stukjes brood voert
aan de hond in zijn boek

ziedaar een mooi voorbeeld (zegt bedachtzaam
de psycholoog) van de verwarring
die heerst in deze fase
tussen werkelijkheid en fictie

maar jij, kleintje, weet wel beter:
de hond aan wie je te eten geeft
is niet die van het boek

mijn hond, zeggen me geheimzinnig
je half-dichtgeknepen oogjes
die zit hier, veilig
achter mijn wimpers


***


er zit daar een komieke vogel
op die antenne van dat dak

het is geen mus
het is geen merel
het is geen kanarie
het is geen duif
het is geen meeuw
het is geen spreeuw

het is een komieke vogel die daar zit op die antenne van dat dak

Francis Cromphout



LA PEUR
COMME METHODE DE GOUVERNEMENT




Je crois qu’il y encore toujours quelque urgence à lire des livres comme celui que je viens de terminer. Il s’agit d’un livre de fiction, totalement nourri de l’histoire récente et de faits biographiques de personnes aussi réelles que Léon Trotski et son assassin Ramon Mercader. Ce livre, El hombre que amaba a los perros, l’auteur cubain Padura commença à l’écrire au moment où le mur de Berlin était sur le point de s’écrouler en 1989. Un voyage au Mexique le confronta à la place forte de Coyoacán où Liev Davidovitch (Trotski), son épouse Natalia Sedova et quelques familiers s’étaient installés. C’était l’étape définitive et fatale d’un long exil, persécuté par son grand ennemi Staline qui, dans sa soif du pouvoir, déployait toute son énergie à se débarrasser d’une grande partie de ses collaborateurs, qu’ils soient concurrents ou témoins, anciens, présents ou à venir, dans ce qui peut être considéré comme la plus féroce tentative de falsification de l’histoire.

La difficulté de l’écriture de ce livre, où la présence écrasante de l’histoire et de toutes les émotions que celle-ci continue à susciter, se traduit dans les dix longues années qu’ont exigées sa rédaction. Dans sa poétique, Padura s’est vraisemblablement inspiré des poupées russes afin d’aligner en couches entrecroisées - au passé, et à la troisième personne - les points-de-vue de la victime (Trotski), son bourreau (Ramon Mercader) et - à la première personne - d’Ivan, l’écrivain cubain en panne d’écriture qui entame en premier le récit et finalement aussi son jeune admirateur Daniel qui permet l’atterrissage en douceur de la structure complexe du livre.

Ce qui relie tous ces personnages, outre leur zèle pour l’écriture et leur manque d’illusions et de perspectives en dehors de celle d’une fin de vie misérable, est la peur. Une peur qui les tenaille et dont ils transmettent la contagion au lecteur tout au long de la lecture de ce livre attachant et pénible en même temps. "De la peur comme méthode de gouvernement", cela pourrait être le titre d’un essai faisant le point des événements narrés dans ce livre. Il y a ceux qui concernent Trotski. Il qui sait que s’il est encore en vie, c’est grâce au fait que cela sert les intérêts du dictateur de Moscou pour qui il est le bouc émissaire de toutes les misères dont souffraient alors les communistes convaincus, aussi bien en Russie qu’en Espagne, où Ramon Mercader se voit enrôlé dans la lutte désespérée des rouges républicains contre les forces franquistes bien équipées et malheureusement appuyées par des alliés autrement plus loyaux que le félon Staline. Lorsque en 1939, avec le pacte Molotov-von Ribbentrop, ses prédictions sur le double jeu Stalinien apparaissant au grand jour et avec celui-ci la division stratégique de l’Europe entre Hitler et Staline, Trotski, sait que, avec l’invasion de l’Ouest de l’Europe par l’armée nazie qui en découle, Staline aura trouvé, aussi bien à l’intérieur qu’à l’extérieur du mouvement communiste, un nouvel ennemi pour justifier ses crimes et que sa vie n’importe plus au stratège cynique qui s’apprête à incarner la résistance au nazisme dans la partie orientale de l’Europe.

La peur c’est la motivation centrale des actes de son assassin. Fils d’un industriel catalan et d’une bourgeoise frustrée qui voit dans l’anticapitalisme le moyen de se venger du machisme sans égards de son mari, il se laisse embrigader dans les services spéciaux de Staline, poussé par la rancune aveugle de sa mère et l’opportunisme dépourvu de tout scrupule de son mentor, un certain Kotov qui changera de nom et d’identité, tout comme lui par la suite, au fur et à mesure des actions qui marqueront sa vie. Ce Ramon Mercader qui, sous le pseudonyme de Jacques Mornard, tuera Léon Trotski d’un coup de piolet, appliqué de sang froid sur son crâne dégarni, sera entraîné au meurtre et à la trahison, à travers un lavage de cerveau continu qui inclura tortures subies et appliquées jusqu’à l’assassinat. Ce scélérat à force de manipulations, ce tueur modelé par les services secrets staliniens, est une victime à son tour. A la haine inculquée, une fois l’acte irrémédiable commis, succédera, dans son cerveau, la cri de douleur de Liev Davidovitch, sa victime qui dans son agonie empêchera qu’il soit abattu comme prévu par les service secrets qui l’employaient. Et la peur restera. Après les années de prison suivra le retour sans gloire en Union Soviétique et l’ultime exil dans l’île castriste où il était censé se faire oublier. Ce qui serait arrivé s’il n’y avait eu là Ivan, cet écrivain frustré, cuvant sa misère morale et matérielle au paradis post-stalinien latin, intrigué par cet homme qui aimait les chiens tout comme lui. Il lui léguera son histoire, ce que ce dernier fera à son tour, avant de mourir écrasé sous sa toiture, avec ce Daniel, avatar de l’auteur cubain.

L’unique personnage sans velléités littéraires, mais véritable pivot de l’action est Staline bien sûr. Pour la plupart de bons communistes, les révélations sur le caractère criminel des agissements du Petit Père des Peuples, tant de fois niées par l’incrédulité à laquelle les conviait leur idéalisme utopique, ont fait s’écrouler leurs idéaux de justice sociale. Avec le recul que nous donne non seulement le contexte historique de déflagration guerrière mondiale où ont eu lieu les atrocités staliniennes, mais aussi et surtout le caractère inéluctable que paraît avoir connu l’évolution des autres états communistes, la Chine de Mao, l’Albanie d’Enver Hoxha, la dictature de Pol Pot et j’en passe, nous ne pouvons éviter de constater que la tyrannie pourrait être inhérente à l’Utopie Communiste elle-même.

Léon Trotski qui, avec Lénine, avait, pour faire triompher l’intérêt supérieur de la Société sans classes, été à l’origine du massacre de Kronstadt en 1921, en a fort bien fait l’analyse par après. C’est que la dictature du prolétariat, principe instauré par Marx et Engels dans leur Manifeste, dans le but d’éviter l’ingérence d’ennemis de classe dans la gestion de la nouvelle société, devait nécessairement mener à ce type de désastre. Lorsque le peuple délègue, sans possibilité de contrôle véritable, son pouvoir à une avant-garde élitiste tel que le parti communiste et que celui-ci fait la même chose en faveur d’un comité central qui, lui, délègue à son tour le pouvoir au secrétaire général, ce dernier reçoit en ses mains un pouvoir qu’il ne peut gérer que dans la peur que, tant d’yeux étant tournés vers lui, on pourrait le lui soustraire, peur qu’il ne peut effectivement conjurer qu’en la projetant à son tour vers les instances qui hiérarchiquement - et en cascade - dépendent de lui. La peur, non seulement, comme nous l’avons signalé ci-dessus, comme méthode de gouvernement, mais comme projection universelle de la paranoïa du grand timonier qui, de tous, était probablement celui qui avait le plus peur. Trotski, toute honte bue, avait compris cela et néanmoins n’abandonna jamais ses idéaux. C’est pourquoi je crois qu’il devait mourir. Il était la véritable concurrence du pouvoir staliniste et non pas la société capitaliste, ni même l’aberration fasciste et raciste à laquelle la dérive dictatoriale de Staline et épigones finit par ressembler.

LE VOILE QUI MONTRE… DU DOIGT

Récemment mon mailbox s’est vu inondé de "faire suivre" calomnieux dénonçant toutes sortes d’excès, voir de crimes commis par des personnes de religion musulmane. Ceci n’est pas sans me rappeler les incitations à la haine qui avaient cours dans les années trente contre la communauté juive. De plus je constate une forte pression pour l’interdiction du voile dans les écoles et les endroits publics. Tout d’abord, de quoi s’agit-il ? Ce voile, en fait n’en est pas un. Strictement parlant, il s’agit d’un foulard que se mettent certaines femmes musulmanes pour affirmer leur appartenance à l’Islam. Il y a quelques années, dans les écoles, ces coutumes vestimentaires étaient fort rares, mais depuis le boucan qu’on a fait autour, de plus en plus de jeunes filles, souvent mêmes peu convaincues au sujet des articles de leur foi religieuse, se montrent enclines à arborer ce symbole comme une affirmation d’identité culturelle. A Anvers le mouvement BOEH (Baas over Eigen Hoofd) revendique cette attitude hostile à l’ingérence. La même réaction provocatrice s’observe au sujet de la bourka en France où on a proposé une loi visant à interdire celle-ci. Il va sans dire que la bourka n’a nullement ma sympathie. Elle n’est d’ailleurs pas un symbole religieux et renvoie surtout à une forme d’oppression de la femme que l’on retrouve dans certains pays orientaux et africains. Ce qui n’empêche pas que cette loi me paraît superflue, vu qu’en fait cette loi existe déjà. Pour peu que je sache, en nos pays occidentaux, sauf le jour de carnaval, il est interdit de se couvrir le visage, car il est fort sagement décrété qu’en tout moment, les citoyens qui se meuvent sur la voie publique, doivent être identifiables.

L’interdiction de ce voile qui n’en est pas un, semble être réclamé au nom de la laïcité dans notre patrie belge. Mais en fait est-elle vraiment réclamée ? Un sondage du "Soir" révèle que seulement 13% de la population aurait des problèmes avec le couvre-chef en question. Mais bien sûr dans la constellation politique actuelle où tous les partis se sont amincis à des dimensions liliputiennes, 13% pourrait être justement le réservoir électoral dans lequel puiser pour gagner un peu d’embonpoint pour les élections suivantes. Et pour le fond, rappelons que la Belgique, contrairement à la France, n’est pas vraiment un pays laïc. A la suite d’un concordat historique, visant le maintien de certains privilèges de l’Eglise catholique et ses séquelles qui, sous prétexte de la liberté du culte, ont admis d’autres religions dans le club des privilégiés, la Belgique s’est de fait convertie au pluralisme en matière religieuse. A moins de changer la constitution, je crois qu’il serait difficile de trouver une base légale pour ces sortes d’interdictions. De plus, gonfler cette affaire à des dimensions de cet acabit-là me semble peu opportun.

Ceci étant dit, je ne nie pas qu’il y ait des problèmes. Oui il faut surveiller la montée du fanatisme dans certains milieux noyautés par l’étranger. Il faut combattre les excès et les injustices, particulièrement si elles frappent les enfants et les femmes. Mais cela, non pas avec des préjugés, mais en utilisant toute la force de la loi qui, en nos contrées, garantit les droits fondamentaux, particulièrement ceux des femmes.

Et au lieu de s’acharner contre quelques mignonnes tentées par la provocation, il faut s’attaquer aux véritables causes du problème, qui sont la pauvreté structurelle, l’exploitation et surtout l’inégalité de chances pour certains segments de la population immigrée. A ce sujet j’ai entendu des propositions intéressantes, visant une meilleure intégration en stimulant les familles en question à envoyer leurs petits enfants à la crèche, ce qui leur éviterait déjà le retard scolaire pour raisons linguistiques. Ici encore et de nouveau vaut l’adage de Victor Hugo : "Ouvrez les écoles et cous fermerez les prisons". Celles-ci, à ce qu’on m’a dit, seraient archi-pleines et constituées en partie majeure des fruits d’une politique de laisser-aller social qui a bien trop duré.

Depuis lors, fort sagement, le Conseil d’Etat a fait annuler l’interdiction du port du voile dans les écoles et a renvoyé le thème au Conseil constitutionnel qui est, en droit, le seul à pouvoir statuer sur l’affaire. Mais entre-temps le mal a été fait et il faudra vivre avec ce que les anglais nomment les dommages collatéraux d’une précipitation peu avisée.


FRANCIS CROMPHOUT

18 april 2010


Pijn



Droevige ogen
donker en koud
haar ziel
chaos diep binnen
in haar
wordt door niemand
begrepen hoe
eenzaam zijn voelt.

Liefde om
haar heen en toch
steeds alleen
het is al zolang
geleden ze
heeft gestreden
zij weet hoe
het voelt.

Begrip van mensen
die er zijn om
haar heen
maar de pijn en
eenzaamheid van lang
geleden blijven
haar leven steeds
weer beheersen.

Paula Hagenaars

Aankondiging heruitgave

Tweetalige gedichtenbundel van de Noorse dichter Knut Ødegård (Noors en Nederlands), bestaande uit vier afdelingen, met een deskundig Nawoord door Jostein Sæbøe - zeer uiteenlopende gedichten en thema’s.


Vertaling uit het Engels: Hannie Rouweler.
Demer Press, najaar 2010


Hoger dan de wind,
handen

Høgare enn vinden,
hendene


Knut Ødegård

Gedichten
Dikt

Jostein Sæbøe (M.A.) har arbeidet som lektor i den videregående skolen, som journalist, bokanmelder og gjendikter av utenlandsk lyrikk til norsk.
Han har også arbeidet i Norsk Rikskringkasting.

Jostein Sæbøe (M.A.) is leraar in het middelbaar onderwijs, journalist, essayist en vertaler van buitenlandse poëzie in het Noors.
Hij heeft ook bij de Noorse radio en tv gewerkt.

Website boek: www.lulu.com/content/2331961
De Noorse versies van de gedichten zijn overgenomen met toestemming van uitgeverij Cappelen
De norske diktene er gjengitt med tillatelse av Cappelen forlag

De gedichten zijn uit het Engels vertaald
All translations are from English

Publisher: Demer Press, Belgium
Indien u belangstelling heeft voor deze tweetalige uitgave, kunt u de bundel nu alvast reserveren.
Hij bedraagt euro 18 (inclusief verzendkosten binnen België en Nederland) en kan v.a. september/oktober verzonden worden.

Met vriendelijke groeten,
Hannie Rouweler
Demer Uitgeverij
http://www.demerpress.be/
Mailadres: info@demerpress.be
of hannierouweler@telenet.be

FRAGMENT van een van de vertaalde gedichten:

Donkaard en halvegaren

Dronkaards met zulke prachtige namen
als Konrad of Adolf hingen rond
in de buitenwijken van Molde. Zo nu en dan dreef
hun gezang op de wind naar ons toe: oude, populaire liedjes
of treurige psalmen over het kruis
en bloedende zijwonden. In de buitenwijken zwierven ook
de halvegaren, b.v. Lundli, die van
de middelbare school was weggestuurd: Nachtenlang hakte
en zaagde hij in grote bomen, het geluid drong, ons kinderen,
onze slaap binnen, vermengde zich met onze dromen
over vliegen boven daken, of grote vissen optrekken
uit meertjes die naar de eindeloze bodem toe steeds donkerder werden

Op een dag was zijn kruis klaar, Lundli liep
langzaam in zijn witte laken door de Hoofdstraat
met het machtige kruis op zijn rug.
Na hem volgden de dronkaards, Konrad, Adolf
en de anderen, en daarachter een groep kinderen: ik hield
een wilde kastanje van de boom op het kerkhof stevig in mijn zak vast.
Lundli riep in een heldere tenor en falsetto GIJ ZULT UW KRUIS
OP U NEMEN EN MIJ VOLGEN ZEGDE DE HEER! Zijn woorden
sloegen als vuur naar Konrad en Adolf, hun dikke
dronken lippen antwoordden: Volg mij, zegde de Heer!
En Halleluja! En Halleluja! Hun witte handen
dansten als vleugels in de lucht

De boete doende parade passeerde het Alexandra Hotel.
In de bar gloeiden de roze gezichten van homo’s
en lang gescheiden mensen in het raam: dronken tuimelde Jens de homo
in een geruit verkoperkostuum en stropdas van de treden van het hotel
naar beneden en voegde zich bij de stoet. Oude tin
smid Hansen, dertig jaar gescheiden, met het hart vol
spuug van zijn eigen kinderen, kwam er langzaam
glijdend achteraan in zijn verfrommeld veel te
strak zittend trouwpak en schuddende maag: Stapte
in de hielen van de gekke Lundli, die zong VOLG MIJ
VOLG MIJ ZEGDE DE HEER WANT DE GEZONDE MENSEN
HEBBEN GEEN DOKTER NODIG MAAR ZIJ DIE ZIEK
VAN ZONDE ZIJN KOMT ALLEN KOMT ALLEN DIE
GEZONDIGD HEBBEN en vanaf
de kade kwam de oude meid Karen, vel over been,
die het voor een pint bier deed en
de broekritsen van de stad beter kende dan de vrolijke
naaisters: Vanuit de schuren en havenriolen
kwam ze de optocht binnendwarrelen

17 april 2010

DoorVrouwenOgen


Door Vrouwen Ogen
zie ik jouw angst
als je denkt:
zeg niet ja
op de vraag
die me beklemt

maar
laat me horen
dat ik mijn dromen nog
waarmaken kan
voor ik vertrek

merk ik jouw gevecht
en de oorlog
die je voert
met dat enge
dat jou overheersen wil

zie ik vooral
met hoeveel moed je
elke dag nog
het beste uit
het leven haalt

ik zie je zoeken
naar sprankels
die het vuur
weer doen oplaaien
al is het even maar

en ik zie je vragen
hou van mij
ik heb je warmte nodig
en jij...die van mij

om samen te dragen
in liefde omhuld
te raken
onze harten
in het tedere
in jouw zijn


Monique Verplancke
HOUTEM


Ik heb een vlinder op de stilte gezien
en de maan als witte klaver
in de tuin van de pastorie,
ik zag een knaap en een mensenpaar
en een oude man
het geluk dragen,
ik zag in de sloot
een spiegelbeeld lachen
naar het lachen van een kind,
ik hoorde de blote wind een nest zoeken
in de branding van de bomen,
ik zag de vlakte een dorp dromen
en hoorde de echo
als een haas over de velden rennen
met de naam van het dorp
een marathon ver.

uit De grens is geen begrenzing (F.F.)

Fernand Florizoone


MOEDER - NIET - AANWEZIG


Moeder, nu je er niet meer bent
          is alles zo gemakkelijk.
Ik kan gewoon over je praten,
                    zelfs met vreemdelingen.
Iedereen begrijpt wel,
        die een moeder heeft gehad,
    wat zij voor je was
                              en betekende.

Details kan ik gerust           weglaten.
Stukjes        verdraaide geschiedenis
          veeg ik met            één hand glad,
omdat dat er       niet        meer toe doet.
  In grote lijnen bewaar je toch het goede
in het hart.     Dwaallichten en sterren zijn
         van alle tijden. Als schemering
     en duisternis.

Uit duizend beelden keren maar enkele
          herinneringen steeds terug.
    Ik ben altijd kind,
nooit een volwassen vrouw. Bijvoorbeeld:
ik hinkel weer met een blikje zand
                                       in de tuin,
terwijl jij in het zonlicht staat te strijken.
     Je lachte naar mij.
                               Ik vroeg niet waarom.
Jij was de hinkelbaan
                    die ik blind volgde.


Hannie Rouweler

16 april 2010

Sporen in het zand



Grote en kleine voetstappen
die achter blijven in het zand.

Als wij lopen langs de vloedlijn
op het strand in het avondlicht.

Tussen schelpen en wier
wat de golven achter lieten.

Een kinderhand in die van mij
oma en kleindochter, groot en klein.

Genietend van de ondergaande zon
zo innig met elkaar verbonden.

 
Paula Hagenaars









Nieuw gedicht van Monique Verplancke!

Gebroken zeil


Oeverloos
zwalpend
over kabbelend water

tot storm verrast
woorden in kronkelende
gedachten uiteen gerukt

steeds aanwezig
gebroken zeil

grimmig vechtend
stroomopwaarts
tot overleven gedoemd

zware last raakt
niet overboord

pijn blijft
achter nevel vernoemd
scheurend geraakt

waar ben jij
die me vastneemt
en koestert
bij het nieuw getij

ooit misschien
ergens
bij volle maan...


Monique Verplancke




HET ONVERWACHTE IS SOMS BEKEND


Het koffiezetapparaat slaakte een kreet
toen ik wat water toevoegde
(om de koffie slapper te maken).

Soms hoor ik echter geluiden die
er niet zijn. Dat kan vanwege een ziekte.

Maar dit heb ik duidelijk gehoord:
het was een gilletje van enkele seconden,
daarna was het stil.

Intussen liep ik naar de woonkamer
om een CD van Beethoven op te zetten:
ik schrijf er poëzie mee.

Nog voordat een symfonie kon
beginnen
hoorde ik het bekende pruttelen in de keuken.

Koffiezetapparaten hebben hun eigen
gewoontes en bijzondere bijgeluiden.
Het is niets vergeleken met wat in IJsland
gisteren is gebeurd:

van een beetje pruttelen (wat iemand ook wel
eens in zichzelf doet) ligt vliegverkeer nooit stil.
Ieder pruttelt zich wel ergens dagelijks doorheen.

Hannie Rouweler