
FOTO: Huwelijksdag, Diepenbeek – 10 juli 2004
HET DORP WAAR IK WOONDE
Als je de straat uit fietste in de richting
van de Hengeveldestraat
kwam je in een andere wijk,
de andere kant uit naar de Lindelaan
was ook al een hele andere buurt.
Je raakte weldra ver van huis.
Je vergat de lessen van je ouders,
ze bonden je zoveel op het hart,
teveel om al dat goede te onthouden.
De kinderen werden brutaler
in zo’n andere buurt die je niet kende:
je moest je verdedigen om plagerijen
als je die onzichtbare grenzen overstak.
De weg naar het zwembad leek toen
een tocht door volslagen vreemd terrein.
De huizen groot en klein met stegen.
De tuinen leerde je nooit van buiten,
de paden slingerden soms langs hoge muren
door smalle treurige straten spelende kinderen
met pratende moeders op de stoep.
Bij mijn zus achterop. Later alleen op de fiets.
Je bewonderde de meisjes die van de hoge plank
naar beneden doken in hun strak zwart zwempak
terwijl jij je vasthield aan de rand van het bad,
een touw over het water gespannen.
De rechte scheiding in het natte haar getrokken, de tas
met natte handdoek over je ene schouder fietste
je vlug naar huis terug. Je wist niet wat onderweg nog kon
gebeuren omdat de bliksem vaak jonge kinderen trof.
In de spiegel zag je alleen je eigen ogen. Donker, als altijd.
© Hannie Rouweler
Geen opmerkingen:
Een reactie posten