zichzelf getrouw slopen de dagen berg en dal
bont en blauwe helmen, je eindigt kleurenblind:
hier scheren ze razziamatig dorpen die ongewild
aan zee zijn gelegen, dof en koppig in de verte staren
wel wetend: evengoed hadden we op onbegrensd water
onze dromen uitgebroed – hoe dan ook: op veilige afstand
en ginder in het hart van bruisende binnenlandse steden
ratelen slangen nog harder nog stukken zelfzekerder:
één en al jolijt en vol ornaat en wie loopt loopt verloren
wat rest aan tweebenige stervelingen en nog bloot oogt:
van dol mensaapachtig wordt het verheven tot eeuwig schuldig
onvergeeflijk ontdaan van waspoeder en biechtgeheim
wie reeds zo dood is als de jonge Werther
hoeft wel geen tweede sterven meer te vrezen
zijn nierstenen reeds geteld en dubbel gecheckt
daaromtrent is ook reeds menig verhaal verteld
in vroeger tijdperk aan knielende luisteraars nu aan
uitpuilende participerende kijkers allen betoelaagd
als genomen risico van een schare klein pierkes
Eric Rosseel
Geen opmerkingen:
Een reactie posten