1 februari 2011

Franciscus




dag vogels, zei ik tot de merels
en zie: ze trippelden tot bij het raam
hun glazen ogen kon ik niet lezen
wel het pikken in de planken
zoals een kind kan stampen
als het duurt

wat tuur je, sprak een vogel,
wat gebaar je voor het raam:
kruimels moet je strooien
kijken hoe we toch weer
aan het vechten slaan

en zie: gulzig bleef ik turen
naar een gulzigaard, hij verliet
zijn buitje, liet het onbeschermd
om een borst of oogje te doorboren

en de vraag wordt uit een droom
geboren of gewoon uit een weerspiegeling:
vogel, uit de winter ben je gekomen
waarom is jouw hart zo winterhard?

vrienden, wou ik gebaren
om ze zwijgend te vermanen
maar ze keken me scheefjes aan:

zoek geen reden, deed een vogel,
zoek niet naar een naam
die het kwade zou verklaren:
uit het eerste ei is het geboren
we hebben de ouden nagedaan


Staf De Wilde

Geen opmerkingen:

Een reactie posten