9
Alexander Vanthuyne, 12 jaar, is in zijn nopjes maar ook zenuwachtig. Zijn mama zal namens de minister aanwezig zijn op het schoolfeest. Hij heeft het vernomen van zijn klastitularis en de dag daarop wordt hij ‘s namiddags bij de directeur ontboden.
De directeur is heel vriendelijk. Alexander mag plaatsnemen in de zetel naast hem.
“Uw mama komt volgende week zaterdag naar ons schoolfeest, Alexander. Wilt u haar vrijdag zeggen dat ik heel vereerd ben met haar komst?”
Van zijn bureau neemt hij een map met het logo van de school opgedrukt en geeft ze aan Alexander:: “Het kabinet vroeg een beetje informatie over ons feest, jongen, en over de geschiedenis van de school. Uw mama zal die info kunnen gebruiken voor de toespraak van de minister.”
Alexander kijkt verwonderd op: “Houdt mama de toespraak, mijnheer de directeur?”
“Ja natuurlijk, Alexander, zij komt toch in de plaats van de minister.”
Op die bewuste zaterdagnamiddag zit Alexander naast zijn moeder op de eerste rij bij de directeurs, enkele mensen van het gemeentebestuur en andere prominenten. Na het welkomstwoord van de directeur en een saaie toespraak door de voorzitter van de Vriendenkring is het de beurt aan “mevrouw Du Tertre, adjunct-kabinetschef, die minister Vanderweyden vervangt”. Traag gaat Sabine het trapje op naar het spreekgestoelte. In een zwarte jurk met korte mouwen. Alexander kijkt met een trotse blik achter zich de zaal in op zoek naar klasgenoten en hun ouders.
Sabine du Tertre stelt zich in haar betoog drie vragen: “Welke inhoudelijke verwachtingen worden aan het onderwijs vandaag en morgen gesteld? Welke budgettaire inspanningen is de gemeenschap bereid te doen voor dat onderwijs? Kan het onderwijs zichzelf loswerken uit de vastgeroeste, traditionele ideeën die zijn ontstaan onder druk van enerzijds een strak centralistisch en bureaucratisch concept en anderzijds een ideologisch-filosofische bipolariteit?”
De zaal gaat op het puntje van de stoel zitten en luistert aandachtig. De meeste toehoorders beseffen dat wat de adjunct-kabinetschef zal zeggen van belang zal zijn bij het breed maatschappelijk debat over de hervormingen binnen het onderwijs.
“Sommigen zijn van mening dat er te veel en te snel wordt veranderd. Maar, dames en heren, ik zeg u: wie denkt dat in het onderwijs een idyllische rust zal heersen, vergist zich deerlijk.”
Hierna heeft Sabine du Tertre het over deregulering, autonomie voor de scholen, duidelijkheid in de relatie overheid versus scholen en inrichtende machten.
Zij besluit: “Het is een jammerlijk misverstand te menen dat de minister de eigenheid van de school wil aantasten. Niets is minder waar. Het beleid is een voorstander van geprofileerde scholen. De indruk bestaat eveneens dat alles in het onderwijs te snel gaat. Toch lijkt niet de snelheid het probleem te zijn, maar de weg en het doel.”
Op het einde van haar toespraak is het applaus gematigd, de aanwezigen zijn het blijkbaar niet met alles eens. Vooral voor de leerkrachten is er nog onvoldoende duidelijkheid.
Tijdens de receptie zegt Sabine du Tertre hierover: “Velen luisteren niet, ze willen slechts horen wat ze graag willen horen. En dat beperkt zich bij de meesten tot minder werk voor een hoger loon!”
Alexander ziet dat enkele omstanders de wenkbrauwen fronsen. Hoe durft zij dat te zeggen. Zij werken hard en graag.
“Het is ons om de kinderen te doen, om hun opvoeding en hun toekomst!”
De directeur die deze opmerking maakt, krijgt van Sabine slechts een meewarige glimlach.
Bij het naar huis rijden vraagt Alexander waarom sommigen niet zo opgezet waren met de toespraak.
“Och, Alexander,” antwoordt Sabine, “ik ben dat gewoon, mensen keren zich tegen verandering, ze vragen zich niet af of die verandering een verbetering zou kunnen zijn. Dit geldt niet alleen voor het onderwijs, mensen zetten zich altijd en overal af tegen vernieuwing.”
Toen zij in de vooravond Burghgraeveveld naderen, zien zij Louis Vanthuyne uit de tegengestelde richting komen aangereden. Hij zwaait hen met de karwats uitbundig toe.
Het valt Sabine op dat elke keer dat Alexander thuiskomt, Louis hartelijker is en er alles aan doet om hun verstoorde relatie te verbergen voor zijn zoon.
Voor Alexander maakt het niet veel uit: hij hoort ze vaak redetwisten en hij heeft zijn vader al menige keer dronken gezien of hem in de vroege uurtjes horen thuiskomen. Toch heeft hij zijn vader graag. Ze kunnen honderduit praten over de paarden, de tuin en alles waarvoor Alexander zich interesseert. Nooit vraagt Louis Vanthuyne naar de schoolresultaten van zijn zoon.
“Het belangrijkste is dat Alexander zich goed in zijn vel voelt.”
Eindredactie: Thierry Deleu
Redactie: Eddy Bonte, Hugo Brutin, Georges de Courmayeur, Francis Cromphout, Jenny Dejager, Peter Deleu, Marleen De Smet, Joris Dewolf, Fernand Florizoone, Guy van Hoof, Joris Iven, Paul van Leeuwenkamp, Monika Macken, Ruud Poppelaars, Hannie Rouweler, Inge de Schuyter, Inge Vancauwenberghe, Jan Van Loy, Dirk Vekemans
Stichtingsdatum: 1 februari 2007
"VERBA VOLANT, SCRIPTA MANENT!"
"Niet-gesubsidieerde auteurs" met soms "grote(ere) kwaliteiten" komen in het literair landschap te weinig aan bod of worden er niet aangezien als volwaardige spelers. Daar zij geen of weinig aandacht krijgen van critici, recensenten en andere scribenten, komen zij ook niet in the picture bij de bibliothecarissen. De Overheid sluit deze auteurs systematisch uit van subsidiëring, aanmoediging en werkbeurzen, omdat zij (nog) niet uitgaven (uitgeven) bij een "grote" uitgeverij, als zodanig erkend.
Stichtingsdatum: 1 februari 2007
"VERBA VOLANT, SCRIPTA MANENT!"
"Niet-gesubsidieerde auteurs" met soms "grote(ere) kwaliteiten" komen in het literair landschap te weinig aan bod of worden er niet aangezien als volwaardige spelers. Daar zij geen of weinig aandacht krijgen van critici, recensenten en andere scribenten, komen zij ook niet in the picture bij de bibliothecarissen. De Overheid sluit deze auteurs systematisch uit van subsidiëring, aanmoediging en werkbeurzen, omdat zij (nog) niet uitgaven (uitgeven) bij een "grote" uitgeverij, als zodanig erkend.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten