Eindredactie: Thierry Deleu
Redactie: Eddy Bonte, Hugo Brutin, Georges de Courmayeur, Francis Cromphout, Jenny Dejager, Peter Deleu, Marleen De Smet, Joris Dewolf, Fernand Florizoone, Guy van Hoof, Joris Iven, Paul van Leeuwenkamp, Monika Macken, Ruud Poppelaars, Hannie Rouweler, Inge de Schuyter, Inge Vancauwenberghe, Jan Van Loy, Dirk Vekemans

Stichtingsdatum: 1 februari 2007


"VERBA VOLANT, SCRIPTA MANENT!"

"Niet-gesubsidieerde auteurs" met soms "grote(ere) kwaliteiten" komen in het literair landschap te weinig aan bod of worden er niet aangezien als volwaardige spelers. Daar zij geen of weinig aandacht krijgen van critici, recensenten en andere scribenten, komen zij ook niet in the picture bij de bibliothecarissen. De Overheid sluit deze auteurs systematisch uit van subsidiëring, aanmoediging en werkbeurzen, omdat zij (nog) niet uitgaven (uitgeven) bij een "grote" uitgeverij, als zodanig erkend.

29 februari 2012

Uitnodiging (3)


U wordt vriendelijk uitgenodigd op de voorstelling van Lichthaus / Lighthouse, de nieuwe dichtbundel van Roger Nupie. Deze drietalige bundel – Nederlands + vertalingen in het Duits (Fred Schywek) en Engels (Annmarie Sauer) – is een uitgave van world internet books
De bundel wordt samen met nieuwe uitgaven van Annie Reniers en Annmarie Sauer voorgesteld op vrijdag 23 maart 2012, 20u in Galerie De Zwarte Panter, Hoogstraat 70-72-74, 2000 Antwerpen. foto: © world internet books




Uitnodiging (2)



Presentatie van Het taaie geheugen van water,
nieuwe dichtbundel van Christina Guirlande

Zondag 22 april 2012 om 16 u?
id+Art Kunstcenter
St.-Jansstraat 27
9220 Hamme

Inleiding:
Martin Carrette, dichter

Voordracht:
Mieke Laureyns en Christina Guirlande

Muzikaal intermezzo:
Billy Pletinck, piano

de koumen

februari kale bomen
lente laat wachten
enkel blauwe vijvertjes
met wasmachinewater
is dit natuur of is dit mens

wel helder water
in de grote vijver
met eenden van divers pluimage
één eenzame gans
geen mens te zien, niemand

alleen
auto’s razen op de achtergrond
onhoorbaar, maar aanwezig
zo dicht bevolkt
waarom is hier niemand

Martin Wings

28 februari 2012

Uitnodiging



Volgende vrijdag 2 maart om 20u. opent de nieuwe tentoonstelling van het Verhaerenmuseum met werk van 

Roland Denaeyer en Colette Van Poelvoorde: 
De hele zee vloeit naar de stad / Toute la mer va vers la ville. 

Voor de gelegenheid is er ook een muzikaal intermezzo voorzien van Herman Elegast en een poëzievoordracht door Christina Guirlande.

Provinciaal Museum Emile Verhaeren
E. Verhaerenstraat 71
2890 Sint-Amands
Tel. 052 / 33 08 05
Fax 052 / 33 68 61

27 februari 2012


De weg

Als ik de weg naar huis
niet meer kan vinden
omdat mijn geest een
andere wereld verkent.

Zal jij dan naast me
blijven staan, houd je
mijn hand vast zodat
ik niet kan verdwalen.

Wieg me zachtjes in je
armen misschien kan
ik dan uit de diepte
je naam nog terug halen.

 © Paula Hagenaars.

Poëzie Beauvoorde


PROGRAMMA 2012

·         Zondag 1 april 2012 om 16 uur in de kerk van Wulveringem. Tickets € 10

      LA PASSIONE – Kruisweg bij het Colosseum
      Vertaling en voordracht: Patrick Lateur
      Jan Vermeire: orgel:  koraalvoorspelen uit de Passietijd van Georg Böhm, Johann
                                                Gottfried Walther en Johann Ludwig Krebs.

·         Zondag  20 mei 2012 om 20 uur in de kerk van Vinkem. Tickets € 12

NOOIT TE VANGEN MET HAAR EIGEN PEN
Dichteressen: Marleen de Crée, Jo Gisekin, Delphine Lecompte, Lies Van Gasse,
       Maud Vanhauwaert (= van Veurne).
 Muzikale omlijsting:
       Dwars-, alt- en basfluit, Ierse fluit piccolo, schalmei: Ilse Vromans (Ishtar)
        Contrabas, piano, gitaar: Michel Vangheluwe (Ishtar)
        Viool, altviool: Karel Inglaere (barokensemble Les musiciens Du Louvre-Grenoble)
         Sopraan: Helen Geets (acapella groep Out of Mind)
Presentatie: Geertrui Seys
                                                                     
·         ARTIESTENMISSEN 2012 om 10 uur in de O.-L.-Vrouwekerk Wulveringem
Zondag, 1 juli: Camerlinckx koor uit Middelkerke – Dichter: Willy Spillebeen
        Zondag,  8 juli: Sint-joriskoor uit Alken – Dichter: Hanna Kirsten
        Zondag, 26 augustus: Eligiuskoor uit Moorsele – Dichter: Gilbert Coghe

·         POËZIEWANDELINGEN.  Start om 15 uur aan de Snuffelhoek, Wulveringemstr.
Zondagen: 8 juli en  26 augustus.
16 panelen met gedichten van Vlaamse en Nederlandse dichteressen.
Duiding Frans Terrie. Deelname: € 5


·         Zondag  9 december 2012 om 16.30 uur in de kerk van Wulveringem.

WAT  ER TOEN GEBEURDE
 Voordracht poëzie: Agnes Bruneel
 Muzikale omlijsting:  Synthesizer: Geert Valcke
                                       Klarinet en zang: Hilde Bruneel
                                       Dwarsfluit en zang: Judith Bruneel
Tickets € 12,  drankje (tijdens de pauze) inbegrepen.

Met medewerking van Stad Veurne, Rodenbachfonds, Poëziecentrum, Stichting Lezen
Info: Marc Segher, voorzitter – secretaris,  gsm 0476 313 047

22 februari 2012

Allereerste publicatie: 50 jaar geleden!




Thierry Deleu - Lionel Deflo - Margo, Proweezie, Ahorn, Wevelgem, 1963, 15 x 22,5 cm., 64 blz.
Omslagontwerp en lino's: André Deroo.
Werd in het najaar van 1963 gedrukt o de persen van drukkerij Fieuws en Quartier p.v.b.a. Lauwe. De oplage bedroeg 300 exemplaren.

21 februari 2012


als goden

laten we bladen scheuren
uit agenda en kalender
er is geen tijd om telkens
te denken aan de tijd

we zijn als goden die wolken
openscheuren en zonlicht valt
in een prieel, onze besloten tuin
van rozen, kamperfoelie en jasmijn

ik zal je zacht ontkleden
en jij zal als water zijn
dat kabbelt en klatert
en dan de sprong
waar een steen ligt als een trede

laten we tijd bijmaken
zoals koninklijke banken
geld bijdrukken voor de aanschaf
van land en landerij

voorbij is haast en draf
en wij van plicht en plichtpleging
bevrijd, verplegen oude wonden

ach, deze tuin van zaligheden
die duren zal zonder tijd

en verlost van alle zonden
want is er erger kwaad en nijd
dan de afgunst van de tijd?

Staf De Wilde

20 februari 2012


DROOM
            voor Madeleine


Droom mijn kind en vlieg, vlieg hoog
in de lucht vlucht met mij
tot boven hoogste wolk
dichter bij de zon, kon ik

jou maar heen brengen waar
o wonder God zich uitleeft
liefde geeft aan wat er leeft
een bloem een geur een kleur

woord en klank, thuis komen in
Herderland, vlieg mijn kind,
ik hou jou in de lucht
nog een zucht van paradijs,

kijk niet om er is geen
waarom alleen onze droom
even snel weg van wat
onze verbeelding tart.


Thierry Deleu




Hier wonen de woorden
Willem M. ROGGEMAN


Op zaterdag 3 maart, om 15 u wordt de nieuwe dichtbundel Hier wonen de woorden van Willem M. Roggeman voorgesteld in Galerie Ludwig Trossaert (museumstraat 29 - Antwerpen).


Guy Van Hoof, auteur van o.a. het boek Gesprekken met Willem M. Roggeman - Een schilder met woorden zal samen met de dichter de nieuwe bundel bespreken. Tevens zal Willem Roggeman voorlezen uit zijn nieuwe werk.


Indien u voor deze presentatie zitplaatsen wenst, dient u deze vooraf te reserveren door een mail te sturen naar galerie.ludwig.trossaert@visiononart.be met opgave van het aantal personen. De deuren gaan open om 14u en uw plaatsen blijven gereserveerd tot 15u. Toegang is gratis en achteraf wordt u een drankje aangeboden.


Mocht u reeds gereserveerd hebben naar aanleiding van de uitnodiging voor de vernissage van Linda-Marie Pattyn, dan hoeft u deze niet te herhalen.

De dichter Willem M. Roggeman treedt in Vlaanderen slechts uiterst zelden in het openbaar op., maar hij geniet in het buitenland een grote faam. Bundels in vertaling verschenen in een twintigtal landen en hij wordt ook vaak gevraagd op internationale poëziefestivals. Zo was hij in 2010 op het festival van Tel Aviv, Israel, en in 2011 op het festival in Struga, Macedonië. In 2003 werd hij bekroond op het festival van Drusinskaja, Litouwen, voor het beste gedicht van het festival. En in Italië kreeg hij zelfs twee literaire prijzen, nl. in 1997 de prijs Riccardo Marchi in Livorno voor zijn bundel L’invenzione della tenerezza en in 2007 de Premio Tratti voor zijn bundel jazzgedichten Blue Notebook.


Ludwig Trossaert

19 februari 2012

DE GELETTERDE MENS
IS
5 JAAR

GEEN FEEST IN CRISISTIJD
MAAR BEZINNING EN STRIJD
TEGEN DISCRIMINEREND LETTERENLAND

Onder ruime belangstelling werd op 28 januari 2012 DE ENGEL & GEHEIMEN, het 35ste boek van auteur Patricia De Landtsheer voorgesteld in Kunsten- en Literaire Taverne DE KLEINE NOTELAAR te Vlassenbroek.

De Engel & Geheimen speelt zich af tegen de achtergrond van het rampjaar 1953 toen hele delen van Nederland en België overstroomden.

De roman is verkrijgbaar bij de auteur tegen € 13 + € 3 verzendingskosten.  

Bestellen via e-mail landtsheer@yahoo.com

Het boek wordt u toegezonden na storting op rek. IBAN: BE69 0631 3870 4678 BIC GKCCBEBB van De Landtsheer Patricia. Gelieve duidelijk naam en adres te vermelden. 

Tel. 052/21 11 80 of 0494/60 19 61 

14 februari 2012



café coeur

spaarzaam sprenkelden we woorden
over het mosgroene kleed
nipten een bronsglaasje bier
proefden een fruitje verbeelding

ik noemde je appelsapje, frambozenbier, poire william
ik noemde je bourgognewijn
ik noemde je mijn lief
mijn lief van ultramarijn


Nicole Van Overstraeten

11 februari 2012

Debutant in DGM - intimistische poëzie


Probeer


Terwijl ik tegen je praat, blaas ik het stof van je foto.
Het maakt buitelingen van vreugde in de lucht
en zoekt dan opnieuw zijn plaats
rond het glas waar je mond zich tegenaandrukt
voor een eeuwigdurende kus.

Ik zou jou net zo goed tot leven willen blazen
maar dan elke dag opnieuw
tot mijn wangen bol staan
en mij gezicht pioenrood.
Wil je eens proberen simpelweg het kader weg te duwen,
je bestaan nog eens dunnetjes over te doen? 
Dan mag je weer rusten tot morgen omdat het druk was vandaag.



Moeders huilen niet


Handen raken zachtjes wangen aan,
er moet geen reden.
Ze is zachtheid en een vleugje musk,
als ze kijkt hoe je borstkas krimpt en weer uitzet 
op het ritme van adem. Eén en al long.
Haar leven en het jouwe.

Er zijn geen tranen,
alleen zoute chips vermengd
met druppels cola light.
Moeders huilen niet,
ze troosten. 


Voltooid verleden 


In mijn hoofd woon ik
nog steeds in het huis van m'n jeugd,
hoewel de ramen nu verduisterd zijn en
gelach er enkel klatert in het verleden,
wek ik het af en toe tot leven.

Ik kan er dwalen door de kamers,
hoor het getingel van bestek
en de gesprekken 's avonds aan tafel
over hoe de dag was
en de nacht weer veel te kort.

Telkens ik mijn ogen sluit, zie ik
de gebloemde zetel,
waarin uren versleten zijn,
de kleine keuken zwanger
van verhalen over vroeger.
Vroeger is nu.
Door het venster wuift 
de allang gerooide notenboom
vrolijk van herkenning.

Terwijl ik dwaal door
een kaleidoscoop van jeugd,
pluk ik herinnering en spinnewebben
uit de lucht
op de stoffige zolder.
Er staan enkel nog
in de tijd versteende dozen.
Fossielen met kinderjaren
er slordig ingepropt.
Ze zijn vergeeld tot snuisterij.

De deurbel gaat en ik stommel
gauw de trap af,
op de drempel sta ikzelf.
"Kom naar huis", zeg ik,
“ze wachten op je”.

Martine Dassonville

Wie verjaart op 11 februari?


11 februari

dit is de dag van jouw verjaren
en nooit hebben we deze dag
gevierd, geen glaasje heeft
gefonkeld, geen geschenk
werd opengedaan

ik kom dan maar gedenken
onder deze volle maan
hoe we negen dagen eerder
rond de kachel zaten
toen moeder het deeg
deed rijzen voor een pannenkoek,
een wafel

ik bleef schuilen achter een boek
en jij met de krullen van een schaap
was steeds de eerste aan tafel

heilige dagen werden onthouden
zoals dit feest van Lichtmis
met kaarsjes op de schouw
en een rode gloed
op onze gezichten

daarom zal ik gedenken
en jouw dag behouden,
mijn broer, ik breek
een pakje open, een pakje
woorden en terwijl ik spreek
neem jij de bruine suiker
en moeder aan het fornuis
is nog aanwezig, rustig
bezig als een geruis

Staf De Wilde

10 februari 2012


De werkplaats verschuift

Het literaire tijdschrift Deus Ex Machina en Antwerpen Boekenstad presenteren op 18 februari 2012 voor de allereerste keer een multimediale werkplaats. De werkplaats verschuift is een kunstfestival voor schrijvers, illustratoren, kunstenaars en muzikanten waarbij ze met elkaar aan de slag gaan en samen nieuw werk creëren.

In de multimediale werkplaats verzamelen in galerij Anversville, antiquariaat Demian en koffiebar Normo overdag en ’s avonds artiesten die samen nieuw werk creëren en optreden. Het publiek kan iedereen ter plekke aan het werk zien. Daarnaast is de werkplaats ook live te volgen op facebook. Alle resultaten verschijnen op Goddelijk Gezicht, het facebooknummer van Deus Ex Machina, dat door De werkplaats verschuift een tweede editie kent. 
De werkplaats verschuift beweegt zich tussen een kunstfestival en een ongeregelde boel: alles kan, alles mag, zolang het maar spreekt, beweegt en vibreert. Video, literatuur, performance, poëzie, muziek, humor en anarchie worden in een aardig tempo afgewisseld.

Een dertigtal artiesten bevestigden mee te werken:
Koen Aelterman - Jon Birdsong - Antoine Boute - Jess De Gruyter - Runa De Moudt-Svetlikova - Carloz Diaz - Lotte Dodion - Annemarie Estor - Fikry El Azzouzi - Andy Fierens - Benoit Félix - Joris Gerits - Maarten Inghels - Hilde Keteleer - Caroline Lamarche - Delphine Lecompte - Celia Ledoux - Els Moors - Jan Pollet - Nel Ponsaers - Swoon - Vincent Tholomé - Laurent d'Ursel - Maarten van der Graaff - Lies Van Gasse - Marc Vangrieken - Stijn Vranken - Duchka Walraet - Helen White

Praktisch

  • Zaterdag 18 februari 2012 van 14 tot 2 uur
  • Drie locaties in het hart van Antwerpen, op een boogscheut van elkaar
    • Antiquariaat Demian - Hendrik Conscienceplein 16-18
    • Galerij Anversville - Wolstraat 33
    • Koffiebar Normo - Minderbroedersrui 30



Programma De werkplaats verschuift

14 uur: Werkplaats Goddelijk Gezicht @Anversville
Social Media lijken de wereld te herscheppen. Schrijvers en kunstenaars gaan aan de slag rond dit thema. Het publiek kan doorlopend binnenvallen om over de schouder mee te kijken en de discussie aan te gaan. Met ondermeer: Andy Fierens, Benoit Félix, Celia Ledoux, Fikry El Azzouzi, Helen White, Koen Aelterman, Lotte Dodion en Vincent Tholomé.

14.30 uur: Retouches @Normo
Performance tussen taalfilosofie en beeldende kunst door Jan Pollet

15 uur: trompetwerk & jazz met Jon Birdsong & co @Anversville

16 uur: poëzie met Els Moors, Delphine Lecompte, Lotte Dodion, Runa De Moudt @Anversville

16.30 uur: Vincent Tholomé @Normo

Doorlopend – Hauser, een literair samenwerkingsproject met Lies Van Gasse, Annemarie Estor, De Engel en Joris Gerits @Anversville

17 uur:  Zeven gedichten over ‘t Stad @Anversville
Tweetalige lezing (N/F) door Caroline Lamarche & Hilde Keteleer. In augustus 2011 schreef Caroline Lamarche, bij wijze van kroniek van haar verblijf in Antwerpen, zeven gedichten over de stad. Ze werden vertaald door Hilde Keteleer.

17.30 uur:  Ik ben een Vlaamse kunstenaar @Anversville
Grote première: Laurent d’Ursel doet het in het Nederlands. Met de hulp van Chris Aertsen (souffleuse). Vertaling in het Frans door Andy Fierens. Een « Tolk » show.

18 uur : Gros papillon dégueulasse – Andy Fierens à la française  @Anversville

Anversville sluit af met muziek. Nel Ponsaers & Carlos Diaz!
Coraçao Vagabundo brengt Bossa Nova, geïnspireerd door de eenvoud en de sensualiteit van de oorspronkelijke geestesvaders. Parels van liederen, die schitteren als golven in Copacabana, begeleid door de zuivere essentie: een klassieke gitaar en een gloedvolle stem.

20 uur: Schrijvers, interviews, performances @Demian
Met ondermeer Maarten van der Graaff, Els Moors, Stijn Vranken, Jan Pollet, Delphine Lecompte, Lies Van Gasse, Marc Vangrieken...

22 uur: ROTWEG PORNO-LETTRISME @Demian
Antoine Boute en Mauro Pawlowski openen 'Rotweg-pornolettrisme', tekeningen en experimenten van Antoine Boute, een nieuwe tentoonstelling bij Demian van 18 februari tot en met 17 maart.

22:30 Feest @Normo
Met een performance van videokunstenaar Marc Swoon Bildos en DJ Delphine Lecompte. En veel meer.


Meer info over dit persbericht:
Lies Van Gasse, Deus Ex Machina, gsm + 32 4 99 21 35 30, liesvangasse@gmail.com

De Geletterde Mens selecteert een nieuwe reeks "Gastdichters". 

Zij die zich geroepen voelen, mailen aan thierry.deleu2@telenet.be 10 gedichten door. Zij worden geplaatst op DGM. De redactie selecteert er te gepasten tijde 4 voor het netbook.

Gelieve ook een korte c.v. en foto als bijlage mee te sturen.

Bedoeling is, met 20 gastdichters een e-boek samen te stellen, onder auspiciën van Razor's Edge Editions. De verspreiding van de gedichtenbundel op internet is opdracht van alle geselecteerden.


Thierry Deleu,
hoofdredacteur

9 februari 2012


RANONKEL DE JACQUES HAMILINK VAUT LARGEMENT UNE REEDITION
Je me suis mis à relire certains livres qui m’ont marqué dans ma jeunesse. L’un d’entre eux est la formidable épopée  Ranonkel  de Jacques Hamelink, qui date de 1969. Possiblement Hamelink est un écrivain un tantinet trop rapide, trop poussé par la nécessité de son livre à lui, pour être considéré comme l’auteur Néerlandais numéro un du siècle passé, honneur qui revient sans doute à des maîtres comme Hella Haase ou Simon Vestdijk, mais son livre est à mon avis un des récits les plus puissants du vingtième siècle. Un pavé visionnaire qui contient, tel un écrit mythique fondamental, toute l’humanité – ou du moins sa part occidentale – de la préhistoire jusqu’à nos jours en passant par le moyen âge. Il a été conçu à travers des bonds et rebonds de tous genres, du monde intérieur au monde extérieur, du microcosme au macrocosme, d’un passé onirique intemporel au présent le plus cruel. Cela sans jamais vraiment déconcerter le lecteur qui accepte toutes ses possibles incongruités comme des évidences. Un peu comme un thriller psychologique qui lui permettrait de se déchiffrer lui-même et son prochain. La langue est baroque, non plus cette approche d’un perfectionnisme avare et plat sous prétexte d’efficacité, qui caractérise la littérature contemporaine, mais généreuse, ne se retenant devant aucun adjectif, dans la tradition d’un Rabelais ou d’un Cendrars. Un style qui permet de peindre toutes les nuances du comportement du monstre humain (tant dans l’horreur que dans la grandeur). Il est étrange que le livre ne connaisse pas une réédition, ni plusieurs traductions. A notre époque de folies médiocres, sa lecture ferait un grand bien.


Francis Cromphout
AVIGDOR ARIKHA LEVANT LE VOILE SUR LA TERRIBLE BEAUTE




Qui est bien cet homme au geste de défense et au regard rempli d’horreur devant ce qui se présente à lui? Et de quoi aurait-il peur? Ou s’agit-il de stupéfaction devant un dessein inéluctable. Le mort peut-être? Vue comme un destin? Telle qu’il l’a connue peut-être et à laquelle il aurait réchappé à plusieurs reprises durant sa vie ? Cet auto- portrait impactant, intitulé « Ipsius », est une découverte tardive de ma part d’un des peintres les plus honnêtes que nous ait donné l’art contemporain. Il s’agit d’Avigdor Arikha. Et son art, tout comme sa vie, représente le siècle que nous venons de laisser derrière nous, dans ses aspects les plus poignants et aussi les plus tragiques.

Né en 1929 sur le flanc oriental des Carpates, dans une famille roumaine juive, il connut, enfant, toutes les horreurs qu’ont fait subir aux pauvres gens d’alors les idéologies criminelles en vogue (soit nazies, soit communistes). Empilés dans un wagon à bestiaux en Ukraine, en route vers une destination dont son père savait qu’elle ne laisserait vivant personne de sa famille, il poussa sa femme et ses deux enfants d’un talus dans un fossé rempli de neige. La suite serait un itinéraire d’épouvante, dans la boue et la neige, auquel le père, battu à mort dans un autre camp, ne survivrait pas, mais qui laisserait saufs sa femme et ses enfants. « Soyez libres », avaient été les dernières paroles de son père avant de succomber. Message qui ne manquerait pas son effet, malgré que la réalité immédiate ne promît rien de bon en ce sens. A ses 14 ans Avigdor, considéré comme l’un des jeunes les plus vigoureux de son camp, fut mis au travail dans une fonderie. Cependant, pendant les rares moments de repos, le jeune garçon dessina les horreurs du camp avec une sûreté dans les traits qui força l’admiration de son contremaître mais aussi ses craintes : « Enfant, tu joues avec le feu ! »… Celui-ci, tout en détruisant les dessins les plus compromettants, qui évoquaient les brutalités du camp, lui trouva un relieur qui réunit les dessins restants dans une sorte de livre. Ce livre fut récupéré plusieurs années plus tard par les soins d’un congressiste de la Knesset qui les présenta à Avigdor. Horrifié celui-ci s’écria alors: « jetez-les, ils puent ! ». En réalité aucune odeur ne se dégageait de ses dessins, sauf bien sûr ceux du souvenir des cadavres empilés dans les fosses du camp de concentration...

Emu par le talent du jeune garçon, le patron de l’usine s’arrangea pour qu’Avigdor et sa sœur aînée puissent prendre la place d’enfants décédés dans une action de sauvetage à haut risque de la Croix Rouge. Une séparation douloureuse de leur mère en était la condition. Un pénible voyage en bateau sur la Mer Noire vers Istanbul, fut suivi d’un trajet en train qui se termina en Palestine, à cette époque sous mandat britannique. Suivirent alors des années de dur travail dans un kibboutz, alterné d’études, entre autres dans une école d’art, et aussi d’accomplissement de devoirs militaires pour la jeune armée israélienne en conflit avec ses voisins arabes. A l’avènement de la république d’Israël, la guerre israélo-arabe le laissa pour mort, une balle ayant transpercé l’un de ses poumons. Il survit miraculeusement à un long comma, au moment même où on s’apprêta à l’enterrer.

Après la guerre, Avigdor, qui avait suivi les cours de l’Ecole des Arts Bezabel à Jérusalem, obtint un bourse à l’Ecole Nationale Supérieure des Beaux Arts à Paris. Le laisser-aller et l’académisme de l’école le déçut. A Jérusalem il avait reçu une formation qui favorisait la créativité et l’autodiscipline. Il avait été initié à l’abstraction figurative par un ancien disciple de Klee et du Bauhaus et un autre maître, Isidor Ascheim, lui avait révélé le secret de l’artiste authentique: « Pense que tu peux mourir au milieu d’une ligne. C’est pourquoi tu dois la laisser parfaite ». Mais l’ambiance aux aspirations universelles de Paris, les visites de musées, les rencontres d‘âmes sœurs et aussi ses études de Philosophie, effacèrent rapidement la première déception. Il s’initia rapidement à l’art moderne dominant, de Picasso à Soulages et un voyage d’études en Italie le confronta à l’art des fresques de la Renaissance. Il rencontra son épouse Anne, une poétesse américaine. Le jeune couple fut soutenu par Alix de Rothschild qui leur procura leur appartement sur la Place du Port Royal. Il fut l’ami de Alberto Giacometti (qui lui conseilla de laisser l’art abstrait) et surtout de Samuel Beckett avec qui il noua une longue amitié qui se prolongea même jusqu’après la disparition de l’auteur irlandais. Elle fut faite de longue promenades, d’intenses conversations et de pas mal de litres de whisky ingurgités. Beckett acheta de lui le tableau « Noir et blancheur » (encore abstrait, mais d’une émotivité fort grande avec une recherche remarquable de luminosité dans les ténèbres évoquées), qui l’accompagna jusqu’à sa mort au pied de son lit.

En tant que moderniste abstrait Arikha connut assez bien de succès, mais au moment où il commença à percer dans les milieux des galeries et des collectionneurs, il changea de cap. Etait-ce l’influence de son ami Giacometti, ou encore l’intérêt qu’avait suscité l’approche de la réalité de « L’Agneau Mystique » des Frères Van Eyck, ainsi qu’une exposition de Caravage qui lui révéla comment le peintre Italien dans sa manière picturale s’achemina « directement vers le fond des choses » ? Un fait est que Arikha vit que l’approche abstraite, devenue répétitive, réduisant tous ses tableaux comme à un seul, était sans issue pour lui. Il ne rejeta pour autant pas tout ce que le modernisme lui avait apporté : « Mondrian, dit-il, a libéré la peinture de l’anecdote…et créa l’illusion que la mimesis antique avait disparu, mais en refermant cette porte il y laissa la clé… ». C’est celle-là que Arikha (et d’autres encore à la même époque) semble avoir récupérée. Ce fut une lutte acharnée pour s’accaparer la réalité extérieure, allant de pair avec une projection empathique intérieure, à travers plusieurs matériaux, encre, huile, pastel et graphite. L’ami « Sam » (Beckett) parle d’un « siège » devant le dehors imprenable.

Aussi Arikha ne se facilite-t-il pas les choses. Il refuse ainsi tout dessin préparatoire: « le début de l’œuvre est un appel qui demande une réponse immédiate ». Ce qui l’oblige également à terminer chaque tableau dans une session prolongée indéfinie. Beckett dans une de ses formules condensées dont il avait le secret, évoque à ce sujet « the gaze…absolutely aimed ». Arikha part d’un point défini sans savoir vraiment comment l’aventure terminerait. Un processus créatif qui s’achemine vers une révélation. Celle du mystère des choses dont son art soulève, à travers un point de vue inédit, le voile sur sa terrible beauté. Tel que, par exemple, ce jeu de lumière et de reflets, capté dans le studio de l’artiste.
FRANCIS CROMPHOUT


de beschaving van een dichter
- voor Antwan en Miek–

men redt geen leven,
zegt de denker, dat is te hoog
gegrepen: men stelt de dood
uit en dat is veel

en jij, een dichter, die moet leven
met de dood als buur, hoe vind jij
een wiel uit, hoe breng jij
naar je volk het vuur

ach, meestal vierkant draaien
je wielen en meer dan sintels
strooi je niet uit

en toch, en toch, wil jij genezen
je wil de vele muilen sluiten
van de monsters, en je weet:
er zijn geen monsters dan de mens

hij heeft te hoog gegrepen
op berg en toren wil hij staan
en aan de zeeën van planeten

alleen de mens heeft de verbeelding
en de wellust van de pijn
alleen de mens kon leren
hoe schoon van vorm zijn wapens zijn

jij bent een dichter en al pratend
met je buur hou je hem aan het lijntje
tot hij verzadigd van wijn en Trijntje
zuchtend opstaat en zegt: ik kom wel later

Staf De Wilde